Volkert van der G. niet langer geïsoleerd

AMSTERDAM - De vermeende moordenaar van Pim Fortuyn, Volkert van der G., wordt sinds 24 januari in een groep in het Pieter Baan Centrum (PBC) geobserveerd. Daarvoor had hij sinds 20 januari zijn medewerking met zijn onderzoekers opgezegd, omdat hij geïsoleerd bleef op verzoek van het ministerie van Justitie. Ook protesteerde hij, omdat er camera's in zijn cel hingen.

Dit bleek woensdag tijdens de pro forma zitting bij de rechtbank in Amsterdam over de strafzaak tegen Van der G. Nu hij in een groep mag en de camera's sinds dinsdagavond uit zijn cel zijn weggehaald, werkt hij weer mee aan het gedragskundig onderzoek.

Een vertegenwoordiger van het PBC vertelde woensdag aan de rechtbank dat het rapport van het onderzoek eind maart klaar kan zijn. De observatiekliniek van justitie en het Openbaar Ministerie (OM) zeggen dat er twee weken meer nodig zijn voor het onderzoek, vanwege de gesprekken en problemen met Van der G.

Volgens officier van justitie J. Plooy heeft de discussie over de omstandigheden van Van der G. in het PBC geen nadelige gevolgen voor het onderzoek zelf. "Het Openbaar Ministerie verwacht dat de zeven weken observatie naar behoren worden volgemaakt en dat het onderzoek zal leiden tot een rapport."

Als het aan de aanklager ligt, kan de moordzaak hierna zo snel mogelijk inhoudelijk worden behandeld. "Het OM streeft naar omstreeks 1 april." De advocaten willen na verschijning van het PBC-rapport nog twee weken de tijd om de conclusies te verwerken.

Tip de redactie