AMSTERDAM - Tijdens de zitting van donderdag in het proces tegen Willem Holleeder zal de rechtbank luisteren naar gedeelten van de zogeheten Endstra-tapes, de registratie op band van gesprekken die de vermoorde vastgoedmagnaat Willem Endstra in het geheim voerde met de politie.

Het gaat om een selectie van ongeveer anderhalf tot twee uur uit een totaal van dertig uur.

Endstra geldt als het belangrijkste afpersingsslachtoffer van Holleeder en enkele medeverdachten. Zij zouden de zakenman miljoenen afhandig hebben gemaakt. Als Endstra niet zou betalen, zou hij worden doodgeschoten, zo vertelde hij zijn politiecontacten. Ook zijn familie was niet veilig.

De gesprekken vormen de basis voor de strafzaak tegen Holleeder en de zijnen. Endstra verhaalde tot in detail hoe hij door zijn belagers werd opgejaagd en uitgeknepen. Ook zei hij dat Holleeder verantwoordelijk is voor een reeks liquidaties in het criminele milieu.

Betrokkenheid

Justitie en politie onderzoeken nog of Holleeder strafrechtelijk vervolgd kan worden voor zijn mogelijke betrokkenheid bij deze moorden. Endstra werd op 17 mei 2004 bij zijn kantoor aan de Amsterdamse Apollolaan doodgeschoten.

De advocaten in het proces, Holleeders advocaat Jan-Hein Kuijpers voorop, menen dat de zogeheten achterbankgesprekken als bewijs onbruikbaar zijn en dat Endstra volstrekt onbetrouwbaar is. Daarbij komt dat zijn betrouwbaarheid niet meer getoetst kan worden.

Anonieme getuigen

Kuijpers wil twee anonieme getuigen in het proces betrekken, die kunnen verklaren over criminele activiteiten van Endstra. De vastgoedman zou onder meer betrokken zijn geweest bij de poging een van zijn schuldeisers, xtc-handelaar Ronald van E., te liquideren. Van E. werd in 1999 in Amsterdam door het hoofd geschoten, maar overleefde deze aanslag.

De rechtbank beslist donderdag of Kuijpers de twee anonieme getuigen mag opvoeren.