AMSTERDAM - Bij de Salomonseilanden zijn dinsdag de eerste boten gearriveerd met hulp voor de overlevenden van de tsunami die daar maandag dorpen langs de westkust overspoelde, vrijwel onmiddellijk nadat de bewoners waren opgeschrikt door een zeebeving met een momentmagnitude van 8,1.

Overlevenden die tussen de restanten van huizen en winkels naar voedsel zochten vonden nieuwe lijken, waardoor het voorlopige dodental opliep tot 28.

Bovendien zouden in Papoea-Nieuw-Guinea, dat aanvankelijk leek te zijn gespaard, toch vijf doden zijn gevallen.

Luchtfoto's

Terwijl de eerste hulpgoederen in Gizo en het nabijgelegen Munda arriveerden, voerden rampendeskundigen vluchten uit boven het rampgebied om een hulpplan voor de buitengebieden te kunnen opstellen.

Luchtfoto's toonden modderige kuststroken waar tussen het puin van weggevaagde hutten hier en daar nog een staketsel overeind was blijven staan. De deskundigen zeiden kapotte wegen en vliegvelden en in het water drijvende lijken te hebben gezien.

Naar het aantal doden in de afgelegen gebieden kan men slechts raden, zei woordvoerder Julian Makaa van de rampendienst.

Overlevenden

Er is nog geen schatting gemaakt van het aantal vermisten. De eerste zorg geldt de overlevenden, die bij duizenden zonder eten en drinken bivakkeren op hoger gelegen gronden waar ze voor de tsunami naartoe zijn gevlucht.

Makaa zei dat in en rond Gizo, de hoofdstad van de getroffen provincie Western, zeker 916 huizen verloren zijn gegaan. Volgens het Rode Kruis zijn tweeduizend van de zevenduizend inwoners van Gizo dakloos geworden en is hun toestand precair door het gebrek aan eten en drinken.

Luchthaven

Makaa zei dat de luchthaven is ontdaan van wrakhout en naar verwachting woensdag weer veilig zal worden verklaard voor gebruik. Het is de bedoeling dat er dan vanuit de hoofdstad Honiora drie medische teams - zes artsen en dertien verpleegkundigen - worden ingevlogen om behandelcentra voor de gewonden op te zetten in Gizo en Munda en op het eiland Taro.

Waarschuwing

De nieuwe tsunami-ramp heeft een nieuw debat losgemaakt over de vraag of peperdure waarschuwingssystemen die worden geïnstalleerd in antwoord op de tsunami van 2004 in de Indische Oceaan, hun geld wel waard zijn.

De tsunami van maandag volgde nog geen vijf minuten na de beving. De Amerikaanse deskundige Kerry Smith zei dat de systemen hooguit nut hebben voor gebieden die relatief ver van het epicentrum van een aardbeving af liggen.

Waarschijnlijk kan het geld beter worden besteed aan voorlichting over hoe te handelen bij dreigende rampen en inspanningen om kustbewoners te bewegen permanent domicilie te kiezen op hoger gelegen gronden.

Eind

Maar Michael Rottmann, VN-coördinator bij de aanleg van een waarschuwingssysteem in Indonesië, pleitte toch voor de systemen. Als die binnen tien minuten reageren kunnen er volgens hem veel mensen worden gered.

"Als je vijf minuten hebt en je krijgt een betrouwbare waarschuwing, dan kun je een heel eind komen (..) een heuvel op of weg van het strand."

Australië

Na de beving van maandag ging van Tokyo tot Hawaii het alarm af, terwijl Australië voor alle zekerheid stranden langs zijn oostkust afsloot.

Maar behalve op de Salomonseilanden deed zich nergens een tsunami van betekenis voor, mogelijk met uitzondering van Papoea-Nieuw-Guinea, waar het bericht dat een gezin van vijf mensen zou zijn verdronken nog niet kon worden bevestigd.

Bisschop

Onder de doden op de Salomonseilanden waren een bisschop en drie kerkgangers op het eiland Simbo, die om het leven kwamen toen hun kerk door het water werd overspoeld. Een 53-jarige Nieuw-Zeelander die op bezoek was in Gizo verdronk toen hij zijn moeder probeerde te redden. Zijn moeder wordt nog vermist.