NIJMEGEN - De aanslag op de rechtbank waar maandag het proces tegen Willem Holleeder begint, is in zekere zin "handig" voor de overheid. Politie en justitie kunnen nu namelijk alle bevoegdheden die zij hebben in het kader van terrorismebestrijding uit de kast halen.

Bovendien hoeft de verdediging van Holleeder niet meer aan te komen met klachten over de tijdsduur van het proces, want dan zal het Openbaar Ministerie onmiddellijk wijzen op de vertraging die de explosie heeft veroorzaakt.

Dat zegt strafrechtgeleerde Ybo Buruma van de Radboud Universiteit in Nijmegen maandag. "Natuurlijk jaagt deze gebeurtenis de rechters, officieren en advocaten persoonlijk angst en schrik aan. Maar als de dader gedacht heeft op deze manier het proces te beïnvloeden, is dat wel heel dom. De zaak zal zeker doorgaan", stelt Buruma.

Waarschuwingsschot

Buruma ziet de aanslag als een "waarschuwingsschot." "Mogelijk van Holleeder zelf, om te laten zien dat hij de touwtjes nog steeds in handen heeft. Mogelijk ook van zijn concurrenten uit de onderwereld, die hem wilden laten weten dat ze hem overal en zelfs onder de zwaarste beveiliging kunnen treffen."

"Of misschien van een jaloerse tweede man uit de organisatie van Holleeder, die de kans heeft gegrepen om zijn hoogste baas in een zo zwart mogelijk daglicht te plaatsen. In elk geval is het weer een stap verder in de georganiseerde misdaad", aldus de Nijmeegse rechtsgeleerde.