DEN HAAG - PvdA-Tweede Kamerlid Khadija Arib voelt zich "ontzettend gesterkt" door haar collega's in het parlement. "Dat steunt me in m'n overtuiging om vooral door te gaan", zei Arib donderdag na afloop van het spoeddebat over haar advieswerk voor de Raad van de Mensenrechten in Marokko.

De Kamer verwierp een motie waarin de PVV van Geert Wilders haar opriep te kiezen voor haar Kamerlidmaatschap of haar nevenfunctie. Wilders noemde het een "ernstige kwestie, dat een Kamerlid werkt voor de buitenlandse overheid."

"De principes waarvoor ik in de Kamer zit, worden gesteund door een grote meerderheid", zei Arib. Het debat liet haar niet helemaal onberoerd. "Het doet wel iets met je." Arib noemde het ook jammer dat de VVD "zich heeft laten meesleuren" met de koers van Wilders.

'Dubbele standaard'

Fractieleider Femke Halsema van GroenLinks beschuldigde Wilders tijdens het debat van een "dubbele standaard" als hij verwijt te werken voor de koning van Marokko, terwijl hij zwijgt over het betaalde advieswerk van VVD-kamerlid Hans van Baalen voor de regering van Taiwan.

In dit debat verweten CDA en D66 Wilders verder dat hij wel uithaalt naar Arib, maar geen openheid van zaken geeft over zijn fractiegenoot Dion Graus, die ex-vriendinnen zou hebben mishandeld.

Trots

De PvdA-fractie heeft geen enkel probleem met het advieswerk dat Arib verricht. "We zijn trots op onze collega", aldus PvdA-kamerlid Jeroen Dijsselbloem in het debat.

Volgens Dijsselbloem is het doel van het advieswerk van Arib de relatie tussen Marokko en de migranten uit dit land in Europa te verbeteren. Arib is bij haar advisering onafhankelijk en is ze geen verantwoording schuldig aan de Marokkaanse staat of de koning van Marokko.