AMSTERDAM - In het hoge noorden van Zweden vergezelden we de testingenieurs van Renault bij de finetuning van een auto die een revolutie in zijn segment moet gaan veroorzaken: de elektrisch aangedreven Zoe.

Aan het B-segment is de elektro-auto nog niet besteed, maar daar gaat Renault rigoureus verandering in brengen. De compacte Zoe gaat vanaf eind dit jaar in grote aantallen van de band rollen. In Lapland kunnen we een blik werpen over de schouders van de testingenieurs die zich met de laatste fijnslijperij aan deze belangrijke nieuwkomer bezighouden. In tegenstelling tot de Kangoo Z.E. en de Fluence is de Zoe van begin af aan als elektroauto ontworpen – en dat merk je tijdens het rijden. Door het laag in de bodem gemonteerde accupakket voelt hij stabiel en harmonieus aan, er zijn geen plotselinge gewichtsverplaatsingen zoals in de Fluence. Zelfs op het spekgladde ijsmeer waar we de eerste meters maken doet de Zoe voorspelbaar en goedmoedig aan. De elektromotor reageert lekker fel op het ‘stroompedaal’ en zelfs op de samen met Michelin ontwikkelde banden met ultralage rolweerstand is er voldoende grip aanwezig. Overigens deelt het onderstel maar weinig componenten met de volgende Clio, hoewel hij ruwweg een vergelijkbaar formaat heeft.

AutoWeek Onderhoud, voor al je vragen over onderhoud