LONDEN - Bestsellerauteur Dan Brown heeft zich in zijn boek De Da Vinci Code niet schuldig gemaakt aan plagiaat. Dat is de uitkomst van de rechtszaak die twee schrijvers tegen uitgeverij Random House van Brown hadden aangespannen.

Bekijk video: Modem/ Breedband

De rechters van de Hooggerechtshof in Londen oordeelden dat Brown geen stukken uit het boek van de twee klagers, getiteld 'Het Heilige Bloed en de Heilige Graal', had overgeschreven of hun ideeën had gestolen. In een verklaring liet Brown weten dat "de uitspraak aantoont dat de aanklacht in het geheel ongegrond was. Ik ben nog steeds verbijsterd dat de twee auteurs überhaupt een zaak hadden aangespannen."

Gestolen

Het schrijversduo Michael Baigent en Richard Leigh zeiden dat Brown ideeën had gestolen uit hun boek, waarin zij stelden dat Jezus Christus een kind had. Zij gingen uit van de theorie dat Jezus en Maria Magdalena getrouwd waren en dat er tot op heden nazaten van hen rondlopen. Ook Brown steunt in De Da Vinci Code op deze theorie.

Hij zegt echter dat hij zich op tal van andere bronnen heeft gebaseerd en dat hij Baigent en Leigh indirect - door middel van naamsverwijzingen - in zijn bestseller heeft geïntroduceerd. Overigens gaf Brown toe dat zijn echtgenote Blythe het leeuwendeel van de research voor De Da Vinci Code heeft gepleegd.

Kosten

Blythe verscheen niet in de rechtszaal. Baigent en Leigh zitten nu opgescheept met de kosten van het proces, die inmiddels zijn opgelopen tot ruim anderhalf miljoen euro. Zij kunnen alleen troost putten uit het feit dat de verkoop van hun boek uit 1982 door de publiciteit omhoog is geschoten.