Gitaarlegende Harry Sacksioni werd veertig jaar gestalkt door een fan die dacht dat hij net zoveel van haar hield als zij van hem. Na haar overlijden reageerde de muzikant opgelucht, maar voelde hij ook medelijden, zegt hij maandag in een interview in AD.

De zeventigjarige artiest, die aanvankelijke Herman van Veen begeleidde en daarna op eigen houtje grote successen vierde, ontmoette zijn stalker in 1974 na een concert. De vrouw was destijds veertien jaar oud.

Sacksioni merkte al direct dat de vrouw niet in goede geestelijke gezondheid verkeerde. Ze leed aan erotomanie, bleek later. Mensen met deze stoornis denken dat hun liefdesobject net zo gek op hen is als andersom.

Decennialang werd Sacksioni thuis en tijdens zijn werk achtervolgd en lastiggevallen. De politie kon weinig doen, omdat de vrouw omgangsverboden negeerde en zelfs vanuit gesloten inrichtingen contact met de gitaarlegende wist te leggen.

'Laat haar los anders is ze dood'

In 1997 knapte er iets bij Sacksioni toen hij de vrouw weer zag en hij trok haar in een sloot. Gelukkig kon de vriendin van de gitarist erger voorkomen. "Toen ik de stalker kopje-onder duwde, riep mijn partner: 'Laat haar los anders is ze dood.' Dat deed ik. Gelukkig, anders hadden we hier niet zo gestaan. Het krankzinnige was: toen ze, nog met het kroos op haar hoofd, omhoogkwam, zei ze: 'Zie je nou wel dat je van me houdt.' Ik stond perplex. Ze was niet boos, of in een shock, maar draaide het om."

In 2013 werd Sacksioni door de vader van de stalker op de hoogte gesteld van haar overlijden. "Daarop stond dat ze was overleden. Ik had een dubbel gevoel: ik was idioot opgelucht, maar had ook iets van medelijden. Hoe was het mogelijk dat je je leven lang in dienst stelt van een fictie? Je leven hebt weggegooid. Zelfs toen ze al in de veertig was en helemaal onder de medicijnen zat, kwam ze nóg hier."

Sacksioni vertelt over zijn ervaringen in de documentaire Jij bent van mij die maandag vanaf 20.30 uur te zien is op NPO2.