Ashley Judd heeft haar been op vier plekken gebroken en zenuwletsel opgelopen bij een val in een regenwoud in de Democratische Republiek Congo. Tijdens een onderzoekstocht gleed de 52-jarige actrice uit.

Judd was in Congo om zich in te zetten voor bonobo's, een bedreigde apensoort die voornamelijk in Congo woont.

Ze verblijft nu in een Zuid-Afrikaans ziekenhuis om te herstellen na haar beenoperatie. In een interview via Instagram met Nicholas Kristof, columnist bij The New York Times, vertelt de Amerikaanse actrice over haar val.

"Het waren 55 schrijnende uren, waarin ik uit het afgelegen regenbos gedragen moest worden, deels op een zes uur durende motorrit, naar een medisch centrum in Zuid-Afrika", vertelt ze. In beeld laat ze een stok zien waarop ze beet om zich af te leiden van de pijn. "Ik brulde van de pijn als een wild dier."

'Congolezen zouden been zijn verloren of zijn overleden'

Ondanks die pijn was de actrice zich de hele tijd bewust van haar privileges als een rijke witte vrouw. "Ik heb de kans gekregen om naar een volledig uitgeruste medische instelling te gaan. De meeste Congolezen zouden in hun dorp zijn gebleven, en hun been zijn verloren en wellicht zelfs overleden zijn."

De armoede en het gebrek aan medische zorg in Congo is voor Judd de reden om zich uit te spreken over haar val. "Congolese dorpen hebben niet alleen een geen elektriciteit, maar zelfs geen pilletje om de pijn te stillen nadat je je been hebt verbrijzeld."

De actrice maakt het inmiddels goed. "Ik heb heel veel liefde en heel veel compassie om me heen en ben heel erg dankbaar voor alle steun en hulp."