Viggo Mortensen toert momenteel door Europa met zijn regiedebuut Falling, maar hij weigert dat op de gebruikelijke manier te doen. In een interview met NU.nl vertelt de acteur dat hij zelf overal met zijn auto heenrijdt.

De Amerikaanse acteur was deze week in Gent bij de première van de film en spreekt via een videoverbinding met NU.nl. "Ik heb altijd al van roadtrips gehouden", legt Mortensen uit. "En tijdens deze pandemie wil ik niet in luchthavens, treinstations en vliegtuigen zitten. Als ik zulke plekken vermijd, heb ik een grotere kans om de tour af te maken zonder ziek te worden. En zonder anderen ziek te maken."

Mortensen woont al langere tijd in Madrid met zijn echtgenote, actrice Ariadna Gil, en rijdt sinds september door Europa. "Ik ben begonnen met verschillende steden in Spanje", vertelt de acteur. "Dat ging heel goed, met veel Q&A's voor een publiek."

"Jij en ik praten nu via een videoverbinding, maar het liefst voel ik een band met mijn publiek, in een bioscoop. Dat is gelukt in Spanje, verschillende delen van Frankrijk, Zwitserland en België. En ik ga hetzelfde nog doen in Duitsland, Scandinavië, Polen en Oostenrijk. Ik ga overal heen waar het mogelijk is. Een lange trip, maar het is wel interessant", merkt Mortensen op.

Mist hij het dan niet om thuis te zijn? "Ik mis mijn partner, zoon, broers; veel verschillende mensen", antwoordt de 62-jarige acteur en regisseur. "Maar ik heb altijd wel het gevoel gehad dat ik mezelf overal thuis kon voelen. Het is veel belangrijker hoe je je voelt, dan waar je fysiek bent. Ik voel me prima waar ik nu momenteel ben."

Mortensen speelt in Falling een man die voor zijn dementerende vader wil zorgen, maar op veel weerstand stuit. Het familiedrama ging in januari in première op het Sundance Film Festival en zat bij de selectie van het Filmfestival van Cannes, dat werd afgelast vanwege de coronacrisis. De film moet op 11 februari in Nederland verschijnen.