Ruud Gullit vindt dat honderd jaar vreedzame protesten tegen racisme niets hebben opgeleverd. De oud-profvoetballer schrikt van zichzelf als hij bij zichzelf gedachten constateert over een revolutie om een einde te maken aan racisme, vertelt hij woensdag in De Telegraaf.

"Hoe vreedzaam wordt al niet honderd jaar geprobeerd om racisme als met George Floyd de kop in te drukken?" aldus Gullit. "Denk aan Martin Luther King, denk aan Gandhi, denk aan andere vreedzame protesten en protestleiders. We leven in 2020 en wat zijn we ermee opgeschoten? Niets, zo blijkt."

"Als ik het zo stel, komen er gedachten in me op van: als het niet op een vreedzame manier lukt, moet het dan op een andere manier…? Moet er een revolutie komen? Uit een revolutie komt per definitie iets anders, een ander systeem, andere verhoudingen. Is dat dan nodig voor verandering? Ik schrik van mezelf, dat ik dergelijke gevaarlijke gedachten bij mezelf constateer."

Gullit voert Nelson Mandela als voorbeeld aan. De Zuid-Afrikaanse activist streed eerst met geweld tegen de apartheid in zijn geboorteland en werd na 27 jaar gevangenisstraf president. Gullit schonk zijn Gouden Bal als wereldvoetballer van het jaar in 1987 aan Mandela.