Het Hof van Cassatie verwerpt het beroep dat advocaten van de Belgische koning Albert II hadden aangetekend tegen een vonnis in de zaak die kunstenares Delphine Boël heeft aangespannen, meldt de Vlaamse krant De Morgen vrijdag.

Boël beweert al jaren dat zij een dochter van Albert II is. De kunstenares stapte in 2013 naar de rechtbank en eiste dat de voormalige koning een DNA-test deed. Ook wilde ze dat de rechter zou oordelen dat haar moeders echtgenoot, zakenman Jacques Boël, niet haar wettelijke vader is.

In 2017 oordeelde de rechtbank dat er wel degelijk een band bestond tussen Delphine Boël en haar wettelijke vader en dat ze zich jarenlang als zijn dochter zou hebben gedragen. De kunstenares ging in beroep tegen de uitspraak, waarna het Hof van Beroep uiteindelijk oordeelde dat Jacques Boël niet haar wettelijke vader was en dat Albert II een DNA-analyse moest ondergaan.

Koning Albert II ging vervolgens in beroep tegen het vonnis. Hij liet wel bloed voor een DNA-test afnemen in het Brusselse Erasmusziekenhuis, nadat de rechtbank hem dat oplegde op straffe van een een dwangsom van 5.000 euro per dag. Hij dwong wel af dat de uitslag geheim zou blijven.

Vrijdag verwierp het hof het beroep van Koning Albert II , waardoor de zaak nu teruggaat naar het Hof van Beroep. Dat zal naar verwachting bepalen dat het DNA van de koning en dat van Delphine Boël vergeleken moet worden.

Moeder van Boëls zou jarenlange relatie met vorst hebben gehad

Boëls moeder Sybille de Selys Longchamps zou tussen 1966 en 1984 een relatie met de vorst hebben gehad.

Albert II was bijna twintig jaar koning van België. Hoewel hij niet langer het staatshoofd is, mocht hij na zijn abdicatie de titel koning behouden. Zijn zoon Filip nam de troon ruim vijf jaar geleden van hem over.