Geert Mak heeft tegenwoordig fans die hem thuis opzoeken. De schrijver van In Europa vindt het niet zo'n probleem als het één iemand per maand is, maar soms staan er op één dag vijf mensen voor de deur.

"Vorige week zeiden mijn vrouw en ik tegen elkaar: dit moet stoppen. Ik ben geen Doutzen Kroes of zo, ik word verdorie de hele tijd gefotografeerd", aldus de 72-jarige schrijver in AD.

Mak zag de aantallen van belangstellenden voor zijn deur groeien nadat de Leeuwarder Courant in september een stuk schreef over zijn huis. De woning werd tijdens Monumentendag opengesteld voor publiek en een journalist van de krant vertelde tot in de kleinste details wat daar te zien was.

"Het ging tot aan de boeken in de boekenkast aan toe. Gadverdamme. Te gênant voor woorden. Ik deed mijn beklag bij de hoofdredacteur, maar die vond dat er sprake was van prima journalistiek."

Mak houdt details over zijn persoonlijke leven het liefst privé en zal ook niet terug te vinden zijn op sociale media. "Ik vind dat helemaal niks. Al die emo. Het hoort bij een golf aan narcisme die de afgelopen decennia is losgebarsten en die zijn hoogtepunt vindt in de huidige Amerikaanse president. Ik doe gewoon mijn werk. Ik snap dat mensen soms meer willen weten, maar lees gewoon mijn boeken. Om nou te weten hoe ik de katten aai..."

De schrijver heeft liever dat het over zijn werk gaat, zoals zijn nieuwe boek Grote verwachtingen. "Ik werk me uit de naad voor een boek. Ik lees me suf. En ik heb het gevoel dat het van belang kan zijn wat ik schrijf."