Patricia Paay, die volgens administratiekantoor Osuro Holding B.V. "dubieuze betalingen" van de voormalige eigenaar van het bedrijf zou hebben ontvangen, hoeft hen van de rechter grotendeels niet terug te betalen. De rechtbank van Zeeland-West-Brabant heeft een tussenvonnis gewezen, schrijft het AD woensdag.

Van de 93.000 euro die Paay volgens Osuro verschuldigd was, is alleen over 10.000 euro nog onduidelijkheid. Het administratiekantoor moet hiervoor bewijs leveren dat zou moeten aantonen dat de televisiepersoonlijkheid dit bedrag inderdaad van hen heeft geleend.

"Ik ben zo blij", zegt Paay tegen Bekende Buren. "Ik heb er gewoon kippenvel van. Het leven ziet er ineens zonniger uit. En uiteraard zal het beslag op mijn huis worden opgeheven."

Vorige week werd bekend dat er, als drukmiddel om het geld terug te krijgen, beslag zou worden gelegd op Paays woning in het Brabantse Wernhout. Het gaat om een bedrag van 120.844 euro, bijna de helft van het bedrag waarvoor het huis momenteel te koop wordt aangeboden. Osuro Holdings B.V. klaagde Paay aan voor een openstaand bedrag van 93.000 euro.

Paay zou vanaf 2015 meerdere bedragen hebben ontvangen van het bedrijf, dat is opgericht door Rob Rijsbergen, een goede vriend van haar. Hij werd in 2017 aan de kant gezet bij het bedrijf, waarna zijn zoon het overnam. Die zou voor zo'n 1,75 miljoen euro aan "dubieuze betalingen" hebben aangetroffen bij de overname.

Geld zou besteed zijn aan rechtszaak tegen GeenStijl

Het geld, dat door Paay werd gezien als een gift, zou zijn besteed aan onder meer de rechtszaak tegen GeenStijl. De zoon van Rijsbergen meent dat het om leningen ging en wil dat het geld wordt terugbetaald. Zijn vader heeft diverse keren tegen media gezegd dat hij zijn zoon niet steunt in de zaak.

Paay zegt niets te maken te hebben met de huidige eigenaar van Osuro. Ze zou het idee hebben dat ze in een "ordinaire familieruzie" terecht was gekomen. De vader en zijn zoon zouden met elkaar in gesprek moeten gaan, stelden Paay en haar advocaat.

De twee partijen probeerden te schikken, maar kwamen hier onderling niet uit. Daarna is besloten dat de rechter uitspraak moet doen in de zaak.