Fresku, geboren als Roy Reymound, beleefde in zijn jeugd een pijnlijk moment nadat zijn vader een keer Zwarte Piet had gespeeld op zijn lagere school.

Op de school van de Eindhovense rapper, die een Antiliaanse vader heeft en een Nederlandse moeder, zaten bijna alleen maar blanke kinderen.

"Toen kinderen op school tegen me zeiden dat ik een neger was, voelde ik ineens dat ik anders was", zegt de 27-jarige Fresku dinsdag in de Volkskrant. "Tot die tijd dacht ik dat ik bij ze hoorde."

Fresku vond het sowieso lastig om op te groeien tussen twee culturen. "Ik ben trots op die dorpse mentaliteit. Alleen weet ik dat het soms botst met mijn zwarte mentaliteit."

"Als ik me lekker voel, als ik in mijn flow zit, als ik hard praat en iedereen in de kamer kijkt naar me en luistert naar mijn verhalen, voel ik me een Antilliaan", vertelt Reymound. Er zijn ook momenten dat zijn Hollandse roots de boventoon voeren. "De compassie die bij ons allemaal loskwam nadat het vliegtuig was neergestort in Oekraïne, was mooi. Toen voelde ik me wel een Nederlander."

Zelfspot

Voor hij een carrière in muziek begon, werkte de rapper als productiemedewerker tussen 'echte boerse boeren'. "Wanneer er weer iets in de krant stond over Antilianen en criminaliteit werd daar op het werk over gepraat. Ik wilde laten zien: kijk maar, ik heb zelfspot. Dan maakte ik met een Brabants accent een grap om te laten zien dat ik wél een goeie was."

Volgens Reymound zijn er duidelijke verschillen tussen de Nederlandse en de Antilliaanse cultuur. Dat merkte hij bijvoorbeeld toen hij met zijn Nederlandse vriendin - "vroeger zei ik altijd dat mijn vrouw eruit zou zien als Lauryn Hill in haar jonge jaren. Om mijn eigen kleur meer identiteit te geven, wilde ik een zwarte vrouw hebben" - naar Curaçao ging.

"Lieke kon daar gewoon rondlopen in de moeilijke wijken. De mensen wilden haar meenemen in hun cultuur, ze waren eager om haar iets te leren. Dat had ik destijds ook gemerkt toen ik er aankwam als het Nederlandse kindje. Ze stonden voor mij open. In Nederland staan ze niet op die manier open, ze willen buitenlanders niet meenemen in hun cultuur en hun leven."