DEN HAAG - De rechtbank in Den Haag wil weten namens wie in 2003 bij de Gemeentelijke Sociale Dienst in Amsterdam is geïnformeerd naar een uitkering van Edwin de Roy van Zuydewijn. Een of meer accountants moeten daarmee aan de slag gaan.

Dat blijkt uit een publicatie van HP/De Tijd over dit besluit, dat vorig week is genomen.

In de motivering van het vonnis schrijft de rechtbank dat de opdracht om achter de financiële gegevens van de ex-man van prinses Margarita te komen, onrechtmatig is geweest.

Margarita is een nicht van koningin Beatrix. Zij kwam vanaf 2003 veelvuldig in het nieuws na artikelen in het HP/De Tijd, waarin zij en De Roy van Zuydewijn vertelden over een hoogopgelopen familievete binnen de koninklijke familie.

De oorzaak van de ruzie zou zijn dat de familie De Roy van Zuydewijn niet zag zitten als echtgenoot voor Margarita.

De prinses verklaarde later spijt te hebben van het volgens haar onnodig kwetsen van haar familie. Ze is ondertussen met een andere man getrouwd.

Onderzoek

De geheime dienst AIVD deed onder meer onderzoek naar De Roy en zijn bedrijf, in opdracht van het Koninklijk Huis. De particuliere bedrijven die geprobeerd hebben de informatie van de uitkering te achterhalen, stellen niet te kunnen zeggen wie hun opdrachtgever is geweest.

Daarom willen de rechters dit alsnog laten uitzoeken. Het antwoord moet in de administratie van de betrokken ondernemingen worden gevonden.

Privéleven

In januari dit jaar concludeerde de Nationale Ombudsman Alex Brenninkmeijer nog dat de rijksoverheid zich niet heeft bemoeid met het privéleven van Edwin de Roy van Zuydewijn.

De Roy had een klacht ingediend bij de Nationale Ombudsman, omdat hij meende door de overheid gedwarsboomd te zijn sinds hij wilde trouwen met Margarita.

De vermoedens van deze bemoeienis vonden echter geen steun in documenten of onder ede afgelegde getuigenverklaringen, aldus Brenninkmeijer. Daarom verklaarde hij de klacht ''niet gegrond''. Dit tot grote ontsteltenis van De Roy.

Goede hoop

De Roy's advocaat, Mark Meijjer, reageert content op het recente besluit van de rechtbank. ''Ik heb goede hoop dat de opdrachtgever nu toch kan worden achterhaald'', zegt hij.

''Mijn cliënt heeft nog steeds veel last van het beeld dat van hem is geschetst. Daar wil hij vanaf. Daarom doen we er alles aan om vast te stellen wat er allemaal is gebeurd.''