Achtergrond

Waarom gemeenteraadsverkiezingen belangrijker dan ooit zijn

Op 21 maart gaat Nederland naar de stembus om een nieuwe gemeenteraad te kiezen. Omdat er steeds meer overheidstaken op het bordje van de gemeenten zijn komen te liggen, gaat het deze verkiezingen echt ergens om.

Stemhulp: Ontdek welke politieke partij het beste bij je past.

"De gemeenteraadsverkiezingen gaan over onderwerpen die heel dicht bij mensen liggen. Over hun buurt, waarin zij veilig willen wonen. Over goede zorg. Over schone straten en het huisvuil dat moet worden opgehaald", is het antwoord van premier en VVD-leider Mark Rutte als hem gevraagd wordt naar het belang van de aankomende verkiezingen. "Lokale politiek is dus enorm belangrijk voor het dagelijks leven van iedereen."

De rol van de gemeentelijke politiek en bestuur is de afgelopen jaren verder gegroeid. Gemeenteraadsleden gaan al lang niet meer alleen over kapotte fietspaden, schone straten of het behoud van de lokale bibliotheek.

In de vorige regeerperiode hebben de gemeenten steeds meer taken van het rijk overgenomen. Zo zijn de gemeenten sinds 2015 verantwoordelijk voor de jeugdzorg, de lichtere langdurige zorg (huishoudelijke hulp) en de begeleiding van gehandicapten naar de arbeidsmarkt. 

Maar gemeenten zorgen tegenwoordig ook voor de huisvesting van statushouders, taallessen en integratie. Jouw gemeenteraadsleden bepalen of iemand een tegenprestatie moet leveren voordat hij een bijstandsuitkering kan ontvangen of dat er nieuwe klimaatneutrale woningen moeten worden gebouwd.

Maatwerk

GroenLinks-leider Jesse Klaver ziet de gemeenteraadsverkiezingen dan ook als een mogelijkheid om het klimaatbeleid lokaal naar zijn hand te zetten. Iets wat hem landelijk niet gelukt is. "Gemeenten hebben meer invloed op klimaatbeleid dan veel mensen denken", zegt hij.

Lilian Marijnissen (SP) vult aan: "Dit zijn lokale verkiezingen die gaan over de vraag hoe mensen de toekomst van hun gemeente zien. Het is ook een kans voor mensen om lokaal een begin te maken met verandering."

Het idee achter de decentralisatie is dat de lokale overheden beter weten wat er speelt en maatwerk kunnen leveren. Tegelijkertijd gaat de decentralisatie gepaard met de verwachting dat dit maatwerk ook een efficiëntere overheid oplevert. De lokale overheden krijgen een zak met geld en daar moeten ze het mee doen. Een bezuiniging dus, want de gemeenten moeten meer doen, maar wel voor minder geld.

Dichterbij de burger

Hoogleraar staats- en bestuursrecht Wim Voermans vindt dat de gemeenten daar zeer goed in geslaagd zijn. "Toen de taken werden gedecentraliseerd, zaten we middenin een crisis. Het was dus tegelijk ook een bezuinigingsopdracht, maar het is de gemeenten met weinig geld gelukt er een succes van te maken", zegt Voermans, die samen met historicus Geerten Waling het boek Gemeente in de genen schreef. 

Voermans is niet verrast dat de gemeenten de decentralisatie goed hebben opgepakt. "In 2003 hadden we al een succesverhaal. Toen is de bijstand gedecentraliseerd, onder leiding van een jonge staatssecretaris genaamd Mark Rutte."

Voermans ziet de decentralisatie als een goede ontwikkeling, omdat het bestuur daarmee dichterbij de burger komt te staan. Het gevolg is wel dat het werk van raadsleden technischer en complexer is geworden. 

Veel lokale volksvertegenwoordigers doen het raadswerk naast hun fulltime baan en voor vertegenwoordigers van kleine gemeenten is de vergoeding geen vetpot. De kleinste gemeenten (minder dan 8.000 inwoners) ontvangen 250,82 euro per maand. Raadsleden van gemeenten met meer dan 375.001 inwoners krijgen 2352,29 euro.

“Raadsleden zijn beter op de hoogte van wat er speelt in een gemeente dan Kamerleden”
Wim Voermans

Overwerkt

Uit onderzoek van het Sociaal Cultureel Planbureau uit december 2017 is gebleken dat volgens griffiers in ongeveer 40 procent van de onderzochte gemeenten de raadsleden maar moeilijk tijd vinden om hun werk goed te kunnen uitvoeren.

De ondersteuning die zij krijgen is minimaal, aldus de griffiers. In 10 procent van de ondervraagde gemeenten geven zij aan "dat gemeenteraadsleden over onvoldoende kennis en vaardigheden beschikken om hun taken goed uit te kunnen voeren".

Het beeld van het incompetente raadslid klopt echter niet, vindt Voermans. "Griffiers zijn ambtenaren en zij durven te zeggen dat 10 procent van de raadsleden niet deugt. Daar kan ik heel kwaad om worden." Volgens Voermans horen de griffiers de raad te ondersteunen, maar de hoogleraar constateert tegelijkertijd dat zij waarschijnlijk ook overwerkt zijn. "De griffiers zijn met veel te weinig en moeten te veel raadsleden ondersteunen."

Meer geld, meer investeren

Voermans vindt dat raadsleden, mede dankzij de extra taken die zij van de Tweede Kamer hebben gekregen, meer geld en ondersteuning moeten krijgen. Dat raadsleden soms worden weggezet als domme amateurs vindt hij onterecht. "Dit zijn professionals, maar zij worden niet als professionals behandeld", zegt Voermans. "Raadsleden zijn beter op de hoogte van wat er speelt in een gemeente dan Kamerleden. Die roepen maar wat. Ik sla wat dat betreft raadsleden dan ook hoger aan dan Kamerleden."

Hij juicht initiatieven van gemeenten toe die campagnes opzetten om hun inwoners te informeren over het raadswerk en ze te enthousiasmeren en de perspectieven te schetsen. Hij ziet hier ook een taak weggelegd voor het Rijk, die de verplichting heeft meer te investeren in lokaal bestuur en lokale controle. "Maar als de baas van de club al oproept om niet op een lokale partij te stemmen, weet je al hoe serieus dit genomen wordt", zegt Voermans.

Hij verwijst onder andere naar een interview met Rutte op NU.nl waarin de VVD-leider opriep om niet op een lokale partij te stemmen, omdat landelijke partijen ingangen hebben bij het provinciale en landelijk bestuur. D66-leider Alexander Pechtold omschreef lokale partijen als "een snelweg zonder afrit". "Zij hebben hun wortels misschien wel in de samenleving, maar "hebben geen toegang tot de boomtoppen van Brussel of het Binnenhof", zei hij.

“Zij (lokale partijen, red.) hebben hun wortels misschien wel in de samenleving, maar hebben geen toegang tot de boomtoppen van Brussel of het Binnenhof”
Alexander Pechtold

Lokale partijen

"Haagse arrogantie", noemt Voermans die houding. "Lokale partijen leveren eenderde van de raadsleden en doen goed werk. Zij vertegenwoordigen midden- en lageropgeleide inwoners beter dan de landelijke partijen dat doen. De Haagse partijen moeten er maar voor zorgen dat lokale partijen ook een ingang op het Binnenhof en Brussel krijgen." 

Wat Voermans betreft zijn de komende gemeenteraadsverkiezingen dan ook "zeer belangrijk". "Als je kijkt naar het takenpakket van de gemeenten, zijn deze verkiezingen belangrijker dan in 2014." De belangrijkste opgave voor de gemeenten is om in de komende jaren ervoor te zorgen dat de raadsleden, en daarmee de lokale bevolking, worden meegenomen in de besluiten die de wethouders en burgemeesters nemen. 

Het lokale bestuur wordt nu nog teveel gerund als een bedrijf waar de raadsleden door ambtenaren en wethouders niet serieus worden genomen. "Dat is een verkeerde houding en leidt tot een democratisch tekort", waarschuwt Voermans. "Het is tijd dat de gemeenteraad beter bij het bestuur betrokken wordt."

Tip de redactie