De kunst van het bezuinigen

Bezuinigen is een kunst. Rutte is daarbij helaas vergeten vorig jaar al duidelijk te maken wat eraan zat te komen.

Door Paul Verburgt

We kunnen hoog of laag springen, maar er gaat bezuinigd worden. En stevig ook.

Wie dat ontkent, bedriegt zichzelf en anderen. Denk ook niet dat een ander kabinet de dans kan ontspringen. Of dat Brussel wel een oogje zal toeknijpen. Kortom, veiligheidsgordels vastmaken!

Hoe bezuinig je? Dat is een kunst. Maar ja, ons kabinet houdt niet zo van kunst en dat merk je.
We kijken even terug. Al in het najaar van 2011 was voor iedereen duidelijk dat er een tweede bezuinigingsronde moest komen.

Ik ga niet zitten nakaarten over de kwaliteit van de eerste ronde. Ook niet over de Grieken of de banken. Het is wat het is.

Iedereen begreep dat een tweede ronde aanzienlijk lastiger zou worden dan de eerste, ook als het bedrag lager zou zijn dan de befaamde 18 miljard van de eerste operatie. Kool & geit zijn gedaan, we zijn toegekomen aan de ‘heilige huisjes’.

De arbeidsmarkt, de huizenmarkt, de gezondheidszorg. Vraagstukken die ons land al jaar en dag in de weg zitten en die we niet of halfbakken hebben aangepakt.

All time low

In plaats van daar open over te spreken stelde het kabinet de discussie uit. ‘We wachten eerst op het Centraal Planbureau dat op 1 maart 2012 met zijn prognoses voor 2013 e.v. komt’. Waarom? Uh … daarom.

Een riskante aanpak! In de eerste plaats zat een plotseling, wonderbaarlijk economisch herstel er gewoon niet in. In de tweede plaats houdt Nederland niet op met denken en speculeren als een kabinet weigert iets te zeggen.

Als gevolg daarvan – derde punt – loop je een dik risico dat er een onheilssfeer onder de mensen ontstaat. Wat ook gebeurde: hand op de knip, all time low consumentenvertrouwen.

En tot slot maakte het kabinet zich compleet afhankelijk van het CPB en de rest van ‘Den Haag’ ging daarin mee.

Komma

Het CPB staat erom bekend dat het er vaak erg naast zit. Ik citeer de directeur, Coen Teulings, uit een interview in 2009: ‘we zijn slecht in voorspellen.’ Dat is geen uitvlucht of zelfbekladding, maar een onvermijdelijkheid in een open en beïnvloedbare economie als de onze.

In dat perspectief mag je (minimaal) elk cijfer achter de komma van de gemiddelde voorspelling van het CPB met een stevige korrel zout nemen. Maar die wijsheid telt niet meer als je je ziel en zaligheid ophangt aan het Planbureau.

En dus brak ieder die er toe doet in Den Haag in een luidkeels gejammer uit toen de cijfers bekend werden. Men was ‘ernstig geschokt’ en ervoer het als een ‘grote tegenvaller’. Niet 4,2, maar wel 4,5 procentbegrotingstekort!

Regie kwijt

Geheel in lijn met dit gecijfer gingen de hardliners roepen dat er dus keihard bezuinigd moest worden en gingen zogenaamd verlichte geesten, zoals de directeur van het CPB zelf, pleiten voor een genuanceerd bezuinigingspakket. Omdat we onszelf niet de schuld willen geven, wijzen we naar Brussel dat – afhankelijk van je smaak – ons dwingt tot bezuinigen resp. ons afhoudt van groei.

Ondertussen is het kabinet de regie kwijt. Mondje dicht is het adagium. We trekken ons drie weken terug in het Catshuis. U hoort nog van ons.

Bij de naam

Denkt het kabinet nu werkelijk dat dit vertrouwen oproept, laat staan een basis voor acceptatie van ingrijpende besparingen en hervormingen?

Rutte had – ik heb het vaker gezegd – vorig jaar al de kat de bel moeten aanbinden en aan de bevolking moeten duidelijk maken wat eraan zat te komen. Hij kan dat, want hij is een prima communicator. En er is een onweerlegbaar verhaal.

Natuurlijk had hij niet vooruit hoeven lopen op de echte onderhandelingen, maar hij had de geesten rijp moeten maken. Niet alleen voor de hervormingen, maar ook voor de daaraan verbonden nieuwe kansen.

De dingen bij de naam noemen. Maar hij zweeg, op de mantra over de hypotheekrente na.

Bezuinigen is een kunst. Het begint met draagvlak, uitleg, vertrouwen en al die onweegbare zaken die met leiderschap te maken hebben. Dat heeft ontbroken. Een dikke min dus voor het kabinet.

Maar ja, weet ik veel. Ik ben politiek ongeschoold. Let maar niet op mij.

Paul Verburgt was jarenlang directeur van organisaties in de publieke en private sector en werkt nu als adviseur vanuit zijn bedrijf Minimalmanagement. Hij schreef de boeken Bazenbargoens en Heel Herkenbaar. Volg hem ook op twitter: paulminimal.