Liefde op het werk

Een arbeidsovereenkomst kan ontbonden worden op grond van een liefdesrelatie. Die relatie moet dan wel ernstige gevolgen hebben voor bijvoorbeeld de concurrentiepositie van de werkgever of de arbeidsrelatie. Bovendien moet een andere, minder ingrijpende, maatregel niet mogelijk zijn.

Door Barbera Netters

Zo was er de zaak van een werkneemster die in dienst trad bij een door haar echtgenoot opgericht merkenoctrooibureau. Na verloop van tijd verkocht haar echtgenoot de onderneming, maar zij bleef in dienst bij de nieuwe eigenaar. De echtgenoot wilde het bedrijf enkele jaren later terugkopen maar deze onderhandelingen liepen stuk.

Twee jaar later richtte de echtgenoot een nieuwe onderneming op, met dezelfde activiteiten. De werkgever van zijn echtgenoot raakt een aantal grote klanten kwijt aan deze nieuwe onderneming en zette als gevolg daarvan de werkneemster op non-actief.

Vervolgens verzocht de werkgever de kantonrechter de arbeidsovereenkomst te ontbinden onder toekenning van een geringe ontbindingsvergoeding (met een correctiefactor van 0,3).

De kantonrechter oordeelde dat de onderneming van de echtgenoot een concurrerende onderneming is en vindt het begrijpelijk dat de werkgever de arbeidsovereenkomst met de werkneemster wil beëindigen. Hij wil niet het risico wil lopen dat er gevoelige informatie bij de concurrent terecht komt.

Terughoudend

De kantonrechter oordeelde dat bij liefde op het werk terughoudend moet worden geoordeeld door rechters. Liefde laat zich moeilijk beoordelen en de rechter heeft vaak maar beperkte informatie. Daarom moet uit worden gegaan van een neutrale ontbindingsvergoeding (met een correctiefactor van 1).

Maar de kantonrechter zag grond voor een lagere vergoeding omdat de werkneemster wist (of had kunnen weten) dat de combinatie liefde en werk voor problemen zou kunnen zorgen, en toch bij haar echtgenoot in dienst trad. De kantonrechter ontbond de arbeidsovereenkomst en kende een vergoeding toe met een correctiefactor van 0,7.

Relatie

Een andere 'liefdeszaak' ging over een werknemer die een relatie aanging met de echtgenote van een collega. Volgens de werkgever zal niet alleen de gedupeerde collega, maar ook de andere collega’s een terugkeer op de werkvloer van de desbetreffende collega niet accepteren.

Het ging om een kleine onderneming, waar de werknemers elkaar onmogelijk kunnen ontlopen. De werkgever eiste ontslag.

De werkgever vond daarbij dat de verstoorde arbeidsrelatie volledig aan de werknemer is te wijten en vond een vergoeding ongepast. Maar de kantonrechter oordeelde dat een werkgever in beginsel geen bemoeienis heeft met het privéleven van de werknemers.

De werkgever heeft wel de ruimte om beëindiging van het dienstverband te wensen als de privéomstandigheden een goede uitvoering van het dienstverband ernstig dreigen te schaden en er in redelijkheid geen andere oplossingen zijn.

De werkgever draagt echter wel het risico van een privégebeurtenis die ook gevolgen heeft voor de arbeidsrelatie. De kantonrechter oordeelt dat hoewel de situatie buitengewoon ongelukkig is, hiervan de werknemer noch de werkgever een verwijt valt te maken. De arbeidsovereenkomst werd ontbonden met een neutrale vergoeding (met correctiefactor 1).

Barbera Netters is advocaat en eigenaar van AFB Advocatuur en gespecialiseerd in het arbeidsrecht, ondernemingsrecht en echtscheidingen voor (partners van) ondernemers. Twitter.

Tip de redactie