'Stadsmotten vermijden lichtbronnen steeds vaker'

Steeds meer motten die in steden leven, lijken zich niet meer aangetrokken te voelen tot licht.

Motten worden van nature aangetrokken door licht, maar bij populaties die in de stad leven, verdwijnt die eigenschap langzaam. Deze motten vliegen veel minder vaak op lichtbronnen af dan hun soortgenoten van het platteland. Dat melden Zwitserse onderzoekers in het wetenschappelijk tijdschrift Biology Letters.

De wetenschappers kwamen tot hun bevindingen door 1048 larven van motten uit verschillende gebieden in Europa te laten opgroeien in hun laboratorium. Ze vingen ruim zevenhonderd van de diertjes in steden met veel lichtvervuiling. De overige driehonderd larven werden gevangen in landelijke gebieden waar het  's nachts zeer donker is.

In het laboratorium werden de diertjes losgelaten in een kooi die aan één kant was verlicht met een fluorescerende buis, zo meldt nieuwssite Science Now.

Evolutie

De motten uit de landelijke gebieden vlogen zodra ze volwassen waren onmiddellijk op het licht af. Maar hun soortgenoten uit de regio's met lichtvervuiling werden ongeveer 30 procent minder aangetrokken tot de lichtgevende buis.

Volgens hoofdonderzoeker Florian Altermatt bewijst het experiment dat motten in steden aan het evolueren zijn. Waarschijnlijk overleven vooral de diertjes die uit de buurt van licht blijven, omdat motten die tegen een lamp vliegen vaak doodgaan en zich niet voortplanten.

Altermatt vermoedt dat populaties van 'stadsmotten' zich door de evolutionaire aanpassing in de toekomst sneller gaan voortplanten.

Het is overigens onduidelijk waarom motten zich van nature aangetrokken voelen tot lichtbronnen. Sommige biologen vermoeden dat de diertjes navigeren door naar de maan en sterren te kijken en daardoor ook op felle lampen afvliegen.

Lees meer over:

Dagelijkse nieuwsbrief

Dagelijkse nieuwsbrief
Elke ochtend rond 06.00 uur weten wat het nieuws wordt?
Tip de redactie