'Koning was gevaarlijkste beroep in middeleeuwen'

AMSTERDAM – Koningen en koninginnen liepen in de middeleeuwen een buitengewoon groot risico om te worden vermoord. Dat blijkt uit een onderzoek van een Britse historicus.

Van alle monarchen die tussen het jaar 600 en 1800 na Christus leefden, stierf ongeveer 15 procent een gewelddadige dood.

Daarmee liep een koning of koningin in de middeleeuwen meer kans om vroegtijdig om het leven te komen dan een soldaat die vandaag de dag vecht in een oorlogsgebied. Dat schrijft professor Manuel Eisner van de Universiteit van Cambridge in een onderzoek dat maandag wordt gepubliceerd.

Moordcijfer

“De tol van 15 procent die werd vermoord, is veel hoger dan het huidige moordcijfer in de gevaarlijkste gebieden ter wereld”, verklaart Eisner in de Britse krant The Guardian.

De wetenschapper kwam tot zijn bevindingen door gegevens over de dood van 1513 monarchen in Europa te bestuderen. Uit de historische beschrijvingen bleek dat ongeveer 15 procent van de sterfgevallen werd veroorzaakt door moord. Meestal werden de heersers gedood door rivalen die het op de troon hadden gemunt.

Elite

“De informatie over koningen en hun dood is meestal goed gedocumenteerd”, verklaart Eisner. “De regelmaat waarmee ze werden vermoord, is verrassend hoog. Ik was erg verbaasd over de hoeveelheid geweld die werd uitgeoefend, en vaak door de elite.”

In sommige gebieden was de sterfkans van een monarch in de middeleeuwen zelfs nog groter dan 15 procent. Zo blijkt uit het onderzoek van Eisner dat maarliefst 15 van de 17 koningen van Schotland tussen de 9e en 11e eeuw werden vermoord.

In Noorwegen werden zelfs alle zeven koningen die aan het begin van de 12e eeuw regeerden om het leven gebracht.

Lees meer over:

Dagelijkse nieuwsbrief

Dagelijkse nieuwsbrief
Elke ochtend rond 6.00 uur weten wat het nieuws wordt?
Tip de redactie