Terugblik: De mislukte staatsgreep in Turkije

Het was zaterdag 16 juli precies een jaar geleden dat een factie binnen het Turkse leger een poging deed de macht in het land over te nemen. Wat gebeurde er precies tijdens die couppoging en in de nasleep daarvan?

De bruggen over de Bosporus in Istanbul worden op vrijdag 15 juli 2016 rond 20.30 uur geblokkeerd door legereenheden. 

Het leidt onmiddellijk tot een verkeerschaos. Gevechtsvliegtuigen en legerhelikopters vliegen boven Istanbul en de hoofdstad Ankara en er worden schoten gehoord. Ongeveer een half uur na de eerste meldingen van de inname van de bruggen, maakt de toenmalige Turkse premier Binali Yildirim bekend dat er ongesanctioneerde "militaire activiteit" plaatsvindt. Hij roept op tot kalmte en zegt dat de regering "zal doen wat nodig is" om de orde te herstellen.

De coupplegers richten zich op kritieke militaire commandocentra en vliegvelden.

De hoofdkwartieren van de gendarmerie en de landmacht worden ingenomen. De stafchef van de Turkse strijdkrachten wordt gegijzeld. Helikopters beschieten het parlementsgebouw in Ankara en het hoofdkwartier van de speciale eenheden van de politie. Een van die helikopters wordt later op de avond uit de lucht geschoten door de Turkse luchtmacht.

Gezien hun kleine aantal, is het voor de samenzweerders van levensbelang om de strategische legerdoelen zo snel mogelijk in te nemen, voordat de aanleiding voor en het doel van de coup worden bekendgemaakt. 

Een factie binnen het leger maakt bekend een staatsgreep uit te voeren om de democratie te beschermen. 

Militairen bestormen het gebouw van staatsomroep TRT en dwingen een nieuwslezer een verklaring voor te lezen. President Recep Tayyip Erdogan brengt de democratie in gevaar en daarom heeft het leger "het bestuur van het land volledig overgenomen om de grondwettelijke orde te herstellen", luidt die. De noodtoestand wordt afgekondigd en er wordt een avondklok ingesteld. De coupplegers kondigen aan dat er een nieuwe grondwet zal worden opgesteld.

Een jaar na de mislukte couppoging Turkije

De bruggen over de Bosporus in Istanbul worden op vrijdag 15 juli 2016 rond 20.30 uur geblokkeerd door legereenheden. © AFP
Een factie binnen het leger maakt bekend een staatsgreep uit te voeren om de democratie te beschermen tegen de toenemend autoritaire president Recep Tayyip Erdogan. © AFP
Erdogan vraagt het Turkse volk de straat op te gaan om te demonstreren tegen de staatsgreep. © ANP
Honderdduizenden mensen geven gehoor aan die oproep, al dan niet bewapend met keukengerei en andere huishoudelijke gebruiksvoorwerpen. De massale volksopstand waar de coupplegers op rekenden komt er, maar keert zich tegen hen. © AFP
Rond 0.30 uur op zaterdagochtend maakt de toenmalige minister van Binnenlandse Zaken, Efkan Ala, bekend dat de couppoging is "geneutraliseerd". © AFP
In Istanbul beginnen de eerste opstandige militairen, omsingeld door politie-eenheden die trouw zijn aan de regering, zich in de loop van de nacht over te geven. Tegen zonsopgang is de poging tot staatsgreep grotendeels voorbij © AFP
241 mensen kwamen om het leven bij de mislukte staatsgreep en 2.194 anderen raakten gewond. © AFP
De Turkse regering legt de schuld voor de coup bij Fethullah Gülen. De Turkse geestelijke en zakenman, oud-bondgenoot van Erdogan, staat aan het hoofd van de wijdverbreide en invloedrijke religieuze beweging Hizmet ('de Dienst'). © AFP
In de maanden die volgden werden circa 110.000 mensen vastgezet op verdenking van betrokkenheid. Ongeveer 50.000 van hen werden vervolgens in staat van beschuldiging gesteld. Tienduizenden mensen raakten hun baan kwijt. © AFP
De couppoging werd in Turkije een jaar na dato uitgebreid herdacht. Ook in Apeldoorn vond een herdenkingsbijeenkomst plaats, waar enkele honderden Nederlandse Turken op afkwamen. © ANP

Deel deze foto via:

Terug naar slideshow

President Erdogan keert halsoverkop terug van zijn vakantie in een Turkse badplaats om de coup het hoofd te bieden. 

Erdogan laat na een paar uur van onzekerheid over zijn verblijfplaats van zich horen in een Facetime-gesprek met een journalist van CNN Turkije. Hij vraagt het Turkse volk de straten op te gaan om te demonstreren tegen de staatsgreep. De samenzweerders zullen een hoge prijs betalen, zegt de president. "Wij zullen dit te boven komen." Erdogan vliegt vervolgens naar Istanbul.

De Turken geven massaal gehoor aan de oproep van Erdogan.

Honderdduizenden mensen gaan de straten op, al dan niet bewapend met keukengerei en andere huishoudelijke gebruiksvoorwerpen. De massale volksopstand waar de coupplegers op rekenden komt er, maar keert zich tegen hen. Steun van andere legeronderdelen blijft ook uit. Rond 0.30 uur op zaterdagochtend maakt de toenmalige minister van Binnenlandse Zaken, Efkan Ala, bekend dat de couppoging is "geneutraliseerd". In Istanbul beginnen de eerste opstandige militairen, omsingeld door politie-eenheden die trouw zijn aan de regering, zich over te geven. Tegen zonsopgang is de poging tot staatsgreep grotendeels voorbij. 241 mensen kwamen om het leven en 2.194 anderen raakten gewond. 

De Turkse regering legt de schuld voor de coup bij Fethullah Gülen.

Die Turkse geestelijke en zakenman staat aan het hoofd van de wijdverbreide en invloedrijke religieuze beweging Hizmet ('de Dienst'). Sinds 1999 woont hij in zelfopgelegde ballingschap in de Verenigde Staten. Hizmet bezit een keur aan verschillende stichtingen, verenigingen, media-organisaties en scholen, zowel in Turkije als daarbuiten. Zijn aanhangers worden 'Gülenisten' genoemd. Gülen ontkent elke betrokkenheid bij de mislukte coup en beschuldigt Erdogan ervan "een dictatuur te willen vestigen".

Al enkele dagen na de couppoging worden tienduizenden overheidswerknemers ontslagen of gearresteerd wegens Gülenistische sympathieën. 

Op 22 juli kondigde de Turkse regering de noodtoestand af "om in staat te zijn alle elementen van de terroristische organisatie die was betrokken bij de poging tot staatsgreep snel te verwijderen". In de maanden die volgden werden circa 110.000 mensen vastgezet op verdenking van betrokkenheid. Ongeveer 50.000 van hen werden vervolgens in staat van beschuldiging gesteld. Tienduizenden militairen, politiemensen, ambtenaren, academici, docenten en journalisten werden tijdelijk geschorst of raakten hun baan helemaal kwijt. Tientallen mediaorganisaties met vermeende banden met de Hizmet-beweging werden gesloten.  

Critici vragen zich af hoe de Turkse regering zo snel na de couppoging kon beginnen met die zuiveringsacties. Zij wijzen erop dat de overheid al na enkele dagen kon beschikken over de namen van tienduizenden mensen met vermeende banden met de Hizmet-beweging. Volgens de regering was dat mogelijk omdat de Turkse inlichtingendiensten Gülen en zijn aanhangers al meer dan twee jaar lang had onderzocht.  

Gülen was ooit een nauwe bondgenoot van Erdogan en zijn AK-partij.

Erdogan en Gülen vonden elkaar in hun verlangen om de invloed van het Turkse leger op de politiek terug te dringen. Het leger werd traditioneel gezien als de voornaamste bewaker van de democratie en de seculiere principes van de Turkse vader des vaderlands, Mustafa Kemal Atatürk.

Tussen 1960 en 1997 zette het leger de burgerregering vijf keer buitenspel, en de opmars van de islamitische AK-partij van Erdogan werd in militaire kringen met wantrouwen bezien. In de tweede helft van het eerste decennium van 2000 werkten Erdogan en Gülen nauw samen. Duizenden ambtenaren werden ontslagen en vervangen door Gülenisten.

De samenwerking tussen Hizmet en de AK-partij veranderde in een bitter vijandschap.

De relatie kwam onder druk te staan door een aantal incidenten, zoals het verhoor van een bondgenoot van Erdogan, de onderminister van de Nationale Inlichtingenorganisatie, door politieagenten betrokken bij de Hizmet-beweging. In 2013 werden verschillende zakenmensen en hooggeplaatste ambtenaren met banden met de AK-partij gearresteerd door Gülenistische politieagenten in het kader van een groot corruptieonderzoek. Het leidde tot openlijke oorlogvoering tussen de regering en Hizmet.

President Erdogan beschuldigde de religieuze organisatie ervan "een staat binnen de staat" te willen vormen en zwoer de invloed van Gülen in de Turkse politiek volledig te zullen afbreken. 

De couppoging leidt tot een verslechtering van de banden tussen Turkije enerzijds en de EU en de VS anderzijds.

Turkije is woedend over de weigering van de VS om Gülen uit te leveren, waar het land in september 2016 een formeel verzoek voor indiende. Washington zegt niet over genoeg bewijzen te beschikken om de geestelijke in hechtenis te nemen en het uitleveringsproces te starten. De AK-partij van Erdogan beschouwt dat als "onaanvaardbaar" en "bizar". 

De zuiveringen na de couppoging leidden ook tot spanningen tussen Turkije en de EU, dat de Turkse president ervan beschuldigt de gelegenheid te hebben aangegrepen om zijn politieke tegenstanders uit de weg te ruimen.   

In de nasleep van de couppoging verstevigt Erdogan zijn greep op de macht met een grondwettelijk referendum.

Op 16 april 2017 stemde een krappe meerderheid van de Turkse kiezers in een controversieel referendum voor de overgang van een parlementair naar een presidentieel politiek systeem. De Turkse president heeft in dit systeem veel meer macht, waaronder de bevoegdheid om ministers en een meerderheid van de hoogste rechters in het land te benoemen, het overheidsbudget te bepalen en het parlement naar huis te sturen.

De grootste oppositiepartij, de Republikeinse Volkspartij (CHP), en de pro-Koerdische Democratische Partij van de Volkeren (HDP) beschuldigen de AK-partij van Erdogan van stembusfraude. Ook zeggen zij dat het recht op vereniging en de vrijheid van meningsuiting zijn ingeperkt. Begin juli 2017 stapten de twee oppositiepartijen naar het Europees Hof voor de Rechten van de Mens om bezwaar aan te tekenen tegen het referendum.

De CHP organiseerde eind juni 2017 een 25 dagen durende 'Mars voor Gerechtigheid' van Ankara naar Istanbul, uit protest tegen de veroordeling van CHP-politicus Enis Berberoglu tot 25 jaar cel. Berberoglu zou de krant Cumhuriyet hebben voorzien van geheime informatie over het transport van wapens naar Syrië. De protestmars eindigde op 9 juli met een manifestatie in Istanbul, die honderdduizenden belangstellenden trok.

Lees meer achtergrondverhalen in NUweekend

Columns Pieter Derks

Columns Pieter Derks
Cabaretier Pieter Derks duidt en verwerkt maandelijks het nieuws van de voorbije weken. 

Over NUweekend

Over NUweekend
Op NUweekend vindt u iedere week een selectie achtergrondverhalen, analyses of mooie interviews.
Tip de redactie