Hoe (on)veilig is het verkeer geworden?

Bellen achter het stuur, een moment afgeleid bij een kruispunt of simpelweg de macht over het stuur verliezen: een verkeersongeluk zit in een klein hoekje. NU.nl onderzocht 1,3 miljoen verkeersongevallen sinds 2004 en vond onder meer de gevaarlijkste locaties, fabels over 130-wegen en acht dagen zonder ernstig verkeersongeval.

Als je bij een verkeersongeval betrokken bent geraakt, bestaat er een grote kans dat je een datapunt in het BRON-bestand van Rijkswaterstaat bent. Het merendeel van de verkeersongevallen staat hier in verzameld, inclusief een flink aantal details over toedrachten, voertuiginformatie en locaties.

Veel ongevallen met enkel blikschade ontbreken in de dataset. Incidenten met slachtoffers worden iets beter bijgehouden, en dodelijke slachtoffers worden nog meer in detail genoteerd.

Maar ook bij de ongevallen met overledenen ontbreken jaarlijks een aantal incidenten. Niet bij elk ongeval staat iemand naast het ziekenhuisbed om de afloop te turven. Maar in de data zijn wel een aantal tragische voorbeelden te vinden.

Dodelijk ongeval

Zoals op zondag 5 februari 2012, het dodelijkste verkeersongeval in de afgelopen jaren. Op de plek waar de A35 bij Almelo versmalt van drie naar twee rijbanen raakten de twee wagens met elkaar in botsing. Zij belandden op de kop in het ijskoude water naast de weg.

Een 8-jarig meisje uit Deventer en haar vader overleden, evenals twee broertjes van 7 en 8 jaar oud uit Zoetermeer, hun moeder en oma. De vader van het Zoetermeerse gezin overleefde het ongeval.

Dit incident staat op zichzelf, maar een analyse van honderdduizenden verkeersongevallen sinds 2004 legt een aantal interessante trends in ons verkeersgedrag bloot.

Meeste ongevallen tijdens spits

Veruit de meeste verkeersongevallen gebeuren op werkdagen tussen 16.00 en 18.00 uur. En dat is al jarenlang hetzelfde. De verklaring daarvoor is eenvoudig: de avondspits. Mensen rijden na een vermoeiende dag werken terug naar huis en raken betrokken bij een ongeval.

Het zal dan ook niet verbazen dat de meeste ernstige en dodelijke ongevallen rond datzelfde tijdstip plaatsvindt. Het dodelijke ongeval in 2012 was een forse uitzondering, omdat de zondag een relatief veilige dag op de weg is.

Op 4.369 van de 4.377 dagen een ernstig ongeval

Sinds 2004 zijn er slechts acht dagen geweest dat RDW geen ongeval met ernstig lichamelijk letsel heeft geregistreerd. En dan is het nog zeer waarschijnlijk dat RDW een paar ernstige ongevallen niet heeft geregistreerd, waardoor het mogelijk om nog minder dagen gaat.

Uiteraard vallen er iets minder vaak dodelijke slachtoffers, maar ook hier zijn de slachtoffer-loze dagen schaars. Sinds 2004 overleden op 985 van de 4.377 dagen geen mensen in het verkeer. Dat betekent dat elke maand gemiddeld zo’n zeven dagen telt zonder dodelijke slachtoffers.

De reeksen met dagen zonder dodelijke slachtoffers zijn dan ook bijzonder kort. De langste reeks zonder verkeersdoden is vijf dagen lang, van donderdag 3 tot en met maandag 7 februari in 2011.

Het verkeer wordt veiliger...

Uit CBS-cijfers blijkt dat het aantal verkeersdoden in een rap tempo afneemt sinds de jaren zeventig. De laatste jaren worden wel enkele stijgingen of dalingen genoteerd, maar historisch gezien betekent dat vrij weinig.

Op het hoogtepunt in 1972 overleden 3.624 personen na een verkeersongeval. Dat zijn bijna tien dodelijke verkeersslachtoffers per dag. In 2013 en 2014 werd een laagterecord sinds 1950 gevestigd met 570 personen per jaar. De verkeersveiligheid in Nederland is dus enorm verbeterd.

… maar fietsers overlijden wel steeds vaker

Die verkeersdoden kun je onderverdelen in vervoerswijzen, zoals automobilisten, fietsers, voetgangers en overigen. Traditioneel overlijden de meeste verkeersslachtoffers in een personenauto, maar die trend is de afgelopen jaren flink verschoven richting fietsers.

In 1996 was 19,1 procent van alle verkeersdoden een fietser. Twintig jaar later is dat aandeel gegroeid naar ongeveer 30 procent. In diezelfde periode is het aandeel van automobilisten gedaald van 50 naar iets meer dan 30 procent.

Ook opmerkelijk is de stijging van het aandeel verkeersdoden in gemotoriseerde invalidenvoertuigen en scootmobiels. In 1996 overleed nauwelijks iemand in zo’n voertuig, maar tegenwoordig is dat gestegen naar bijna zeven procent.

130-wegen zijn niet per se dodelijker dan andere wegen

De invoering van wegdelen waarop 130 kilometer per uur mag worden gereden, heeft afgelopen jaren voor flink wat discussie gezorgd. Deze wegen zouden onveiliger zijn en voor relatief meer dodelijke slachtoffers zorgen. En inderdaad, als je de cijfers van de laatste drie jaren erbij pakt, klopt die conclusie. Maar met een blik verder terug in de gegevens blijkt dat het iets ingewikkelder ligt.

​Allereerst wordt duidelijk dat er niet één trend is. De percentages schommelen enorm, mede door een aantal jaren waarin volgens andere meetmethoden is gewerkt. Als er al één snelheid is waarop veel mensen overlijden, dan is het wel 80 kilometer per uur. Dat zijn provinciale wegen, en die wegen kennen veel kruispunten.

De 130-wegen zijn niet zomaar vanuit het niets ontstaan. Het asfalt en de infrastructuur lag er al. Het zou dus enkel de verhoogde snelheid moeten zijn die voor meer ongevallen zorgt. Zodra je de snelheidscategorieën samenvoegt per wegsoort, kun je zien hoe het aantal doden is ontwikkeld voordat de 130-wegen werden ingevoerd. Dat schept al een veel duidelijker beeld.

Traditioneel gezien zijn de provinciale wegen (ruwweg overal waar tussen de 50 en 90 kilometer per uur mag worden gereden) het dodelijkst. De snelwegen zitten daar in elk jaar iets onder, en de bebouwde kom is uiteraard het veiligst door de lage snelheden.

Na de invoering van 130-wegen is het percentage dodelijke verkeersongevallen op snelwegen echter gedaald. Daarbij komt dat de fataliteit constant onder het percentage zit van provinciale wegen. En zelfs met de andere meetmethoden die tussen 2010 en 2013 zijn gebruikt, wordt duidelijk dat de verschillen telkens in het voordeel van de snelwegen zijn.

De ongevallen op 130-wegen zijn er dus niet extra bij gekomen, maar het zijn dodelijke ongevallen die anders ook op snelwegen zouden gebeuren. Dat is ook logisch, aangezien die 10 kilometer per uur niet een magische grens doorbreekt. Infrastructuur van wegen is een belangrijkere factor in verkeersveiligheid dan snelheid.

Maar wat is de gevaarlijkste verkeerslocatie?

Daar zijn verschillende manieren voor om dat uit te drukken. RTL Nieuws koos er begin deze maand voor om de gevaarlijkste straat te benoemen. Dat is duidelijk en begrijpelijk. Iedereen weet wat daarmee bedoeld wordt.

Vervolgens merkte NRC op dat het wel lastig is om straten met elkaar te vergelijken. De ene straat is immers langer en drukker dan de andere. Een lange, drukke straat heeft hoogstwaarschijnlijk meer ongevallen dan een korte rustige straat. Alsnog kan die laatste wel gevaarlijker zijn, maar dat blijkt niet uit de cijfers.

NU.nl bekijkt de vraag vanuit een andere methode: binnen welk gebied van 50 meter hebben sinds 2004 de meeste ongevallen plaatsgevonden met ernstig letsel, en met verkeersdoden? Daarmee worden een aantal andere hotspots ontdekt dan in eerdere onderzoeken.

Meeste ernstige slachtoffers

Een van de plekken waar de meeste ernstige verkeersslachtoffers vallen, is de plek waar de Stadhouderskade en Weteringlaan bij elkaar komen. Hier zit een groot kruispunt waar automobilisten het fietsende en wandelende verkeer kruisen. Ook kent deze locatie een paar plekken waar het verkeer vanaf een parellelweg over een fietspad de hoofdweg op rijdt.

Boulevard in Rozenburg is eveneens een berucht stuk. Op het wegdek met klinkers gebeuren veel ongevallen met ernstige slachtoffers. Een deel van de weg bevindt zich binnen de bebouwde kom, en er zitten een paar kruisingen op listige punten. Dit punt komt overigens ook terug bij de plek met de meeste verkeersdoden.

Meeste dodelijke slachtoffers

Vier locaties komen hiervoor in aanmerking. Ook hier is gekeken naar het aantal dodelijke ongevallen. Een ongeval waarbij in één keer zes doden vallen - zoals in Borne in 2012 - kan puur toeval zijn.

Iets ten noorden van de eerder genoemde Boulevard in Rozenburg zit de Noordzeeweg. Sinds 2004 zijn hier 4 dodelijke ongevallen in de omgeving gebeurd. In tegenstelling tot veel andere wegen die hierna worden genoemd, is hier veel ruimte en zicht.

Wellicht nodigt dat automobilisten juist uit tot het dieper intrappen van het gaspedaal. De Noordzeeweg leidt naar een uitkijkpunt voor boten die de haven in- en uitvaren.

Ook bij het kruispunt van de N246 en de Kerkstraat in Wormerveer zijn vier dodelijke ongevallen gebeurd. Op deze plek komt verkeer uit de bebouwde kom en een doorgaande provinciale weg elkaar tegen.

In 2007, 2009 en twee keer in 2012 vond een dodelijk ongeval plaats op de Boekelseweg tussen het Brabantse Erp en Boekel. Het is een smalle weg zonder wegmarkering in het midden met veel bomen langs de kant en een paar flauwe bochten.

Op de smalle Nijmeegsebaan zijn sinds 2004 drie dodelijke ongevallen gebeurd, waarbij vier dodelijke slachtoffers vielen. Op deze provinciale weg mag 80 kilometer per uur worden gereden. In 2006 gebeurden twee dodelijke ongevallen. In 2012 gebeurde dat nog één keer, maar toen met twee slachtoffers.

Lees meer over:

Columns Pieter Derks

Columns Pieter Derks
Cabaretier Pieter Derks duidt en verwerkt maandelijks het nieuws van de voorbije weken. 

Over NUweekend

Over NUweekend
Op NUweekend vindt u iedere week een selectie achtergrondverhalen, analyses of mooie interviews.
Tip de redactie