Strijd tegen stropers: harde aanpak Kenia loont

2015 was opnieuw een zeer slecht jaar voor de neushoorn en de olifant in Afrika. Kenia positioneert zichzelf op dit moment als dé bestrijder van stroperij. 

Vooral de toestand van de zwarte neushoorn is kritiek: eind jaren 60 waren er volgens officiële cijfers nog ongeveer 70.000 zwarte neushoorns in Afrika, nu zijn er nog ongeveer 5.500. De populatie witte neushoorns in Afrika wordt nu geschat op ongeveer 20.000. 

Met name in Zuid-Afrika, Namibië en Zimbabwe worden neushoorns op grote schaal gestroopt. In 2015 werden volgens TRAFFIC, dat de handel in wilde dieren monitort, zeker 1.312 neushoorns gedood in Afrika; het hoogste aantal in tientallen jaren.

Ook olifanten worden nog altijd op gigantische schaal gedood: in de afgelopen drie jaar doodden stropers meer dan 100.000 olifanten. Een eeuw geleden waren er nog vijf miljoen olifanten in Afrika, in de jaren 70 nog ongeveer 1,3 miljoen, en nu nog ongeveer 500.000.

Vooral in Tanzania, Gabon, Kameroen, de Centraal-Afrikaanse Republiek, Mozambique, Congo-Brazzaville en Congo-Kinshasa worden veel olifanten gestroopt. Doelgroep is de groeiende Chinese middenklasse, die ivoor als statussymbool beschouwt. In Vietnam wordt hoorn van de neushoorn vermalen tot een poeder dat volgens een mythe zou helpen tegen kanker. Neushoornhoorn is in Azië meer waard dan goud.

Eén Afrikaans land valt op als het de strijd tegen stroperij betreft: Kenia. NU.nl reisde vorige week op uitnodiging van het Wereld Natuur Fonds (WNF) naar het beroemde Keniaanse natuurreservaat Maasai Mara, op de grens met Tanzania. Het aantal neushoorns in die regio is gestabiliseerd en de olifantenpopulatie groeit hard.

Video: NU.nl reist met Maasai mee

Aanpak stroperij in Maasai-gemeenschap

"Dat is voor een belangrijk deel te danken aan het krachtige beleid van president Kenyatta", zegt Edward Nkoitoi, hoofd van de lokale tak van de Kenya Wildlife Services (KWS) tijdens een patrouille in Maasai Mara. Tijdens de patrouille lopen verschillende groepen olifanten met jongen langs de terreinwagen van de KWS; volgens de rangers bepaald geen zeldzaam gezicht in Maasai Mara.

Nkoitoi en zijn mannen hebben een paramilitaire training afgerond en patrouilleren gewapend in het reservaat. "We zijn op alles voorbereid, maar we belanden eigenlijk nooit in een vuurgevecht. Het afschrikwekkende effect is groot. Bovendien begint bij stropers het besef door te dringen dat je voor het stropen van een olifant in Kenia een levenslange celstraf kunt krijgen. En jarenlange celstraffen worden in de praktijk ook daadwerkelijk opgelegd."

Met de harde aanpak van de stropers, vaak arme loopjongens voor tussenhandelaren die ivoor en hoorn van neushoorns doorverkopen aan criminele organisaties, wordt het probleem niet direct opgelost. Toch denkt ook Christiaan van der Hoeven, specialist Wildlife Crime bij het Wereld Natuur Fonds, dat een keiharde aanpak van stropers een belangrijk onderdeel van de oplossing is.

"Het is een lastige kwestie", stelt Van der Hoeven. "Je wilt natuurlijk de handelaren in het midden van de keten hard straffen. Dat zijn de mensen die willens en wetens aanzetten tot stroperij. Maar ik snap het signaal dat Kenia afgeeft. Soms moet je rigoureus zijn en als Kenia voorop wil lopen in de strijd tegen stroperij, dan stimuleren we dat graag."

Verschillende vlakken

Van der Hoeven benadrukt dat stroperij op verschillende vlakken moet worden bestreden. Zo moeten de handel in ivoor en het transport van het waardevolle materiaal veel scherper worden gecontroleerd. Ook dient de vraag vanuit Azië te worden ingeperkt, bijvoorbeeld via campagnes met Chinese beroemdheden en bedrijfsleiders die stellen dat ivoor geen status verschaft.

Daarnaast moet de druk op overheden om de regels toe te passen worden vergroot. De aanpak van corruptie binnen overheden is van primair belang, stelt Van der Hoeven.

"In Kenia lijkt binnen de regering de motivatie te bestaan om het probleem écht aan te pakken en corruptie te verbannen, maar in buurland Tanzania bijvoorbeeld, is de corruptie tot in de allerhoogste kringen doorgedrongen."

De Tanzaniaanse autoriteiten hebben in het verleden regelmatig ontkend dat stroperij een groot probleem is. Zo weersprak het Tanzaniaanse overheidsinstituut dat gaat over de nationale parken in 2014 berichten over toegenomen stroperij in nationaal park Ruaha, terwijl de olifantenpopulatie in dat jaar naar schatting van 20.000 naar 8.200 kelderde. De regering eiste een hertelling, schrijft The Guardian

Andere landen

In andere landen, zoals Kameroen, worden bestaande anti-stroperij-wetten niet goed nageleefd. "Daar bestaan wetten die vergelijkbaar zijn met die in Kenia, maar ze worden in de praktijk nauwelijks toegepast", aldus Van der Hoeven. "Stropers gaan daardoor vrijuit."

In weer andere landen, zoals de Centraal-Afrikaanse Republiek en Congo-Kinshasa, is totaal geen effectief toezicht door de gewapende conflicten in de regio. Ivoor wordt daar door criminele organisaties gebruikt als bron van inkomsten.

En als de aanpak van stroperij ergens succesvol blijkt te zijn, verhuizen de stropers. "Het is een soort wapenwedloop. Stroperij gaat door de jaren heen in golfbewegingen, zoals bij de prooi-roofdiercyclus. Er wordt meer gestroopt, maar de aanpak is ook verbeterd. Men is meer bedreven en sneller geworden in de opsporing en aanpak van stropers, maar de urgentie is nu ook groter."

“Het is vier jaar geleden dat hier voor het laatst een olifant werd gedood”
Derrick Meegesh (Maasai)

Ondertussen werkt Kenia al jaren aan nieuwe methoden om stroperij tegen te gaan. Zo worden moderne middelen als drones en infraroodapparatuur ingezet en krijgen gemeenschappen de controle over hun eigen gebied.

Dat is bijvoorbeeld het geval in Oloisukut, een gemeenschap van Maasai die net buiten Maasai Mara patrouilleert in een klein gebied zo groot als de stad Utrecht. Vijftien andere gemeenschappen, zogeheten 'conservancies', werken rond het natuurreservaat op dezelfde manier. In heel Kenia zijn er nu tweehonderd conservancies. 

Derrick Meegesh geeft leiding aan de Maasai-gemeenschap in Oloisukut. Zijn team, bestaande uit zowel mannen als vrouwen, patrouilleert twee keer per dag in het Savanne-landschap. "Het is vier jaar geleden dat hier voor het laatst een olifant werd gedood", zegt hij trots op een heuvel die uitkijkt over de uitgestrekte vlakte van de Maasai Mara. "Ik denk dat de toekomst van olifanten er hier rooskleurig uitziet."

Video: Rangers in Maasai Mara

Stroperij wordt in Kenia keihard aangepakt

Meegesh' conservancy staat symbool voor de succesvolle aanpak van stroperij in Maasai Mara. Kenia blijft echter een belangrijk doorvoerpunt voor ivoor en niet in elk Keniaans reservaat wordt stroperij effectief aangepakt. Ook in Kenia is stroperij nog lang niet verbannen, maar de politieke wil lijkt er te zijn.

Vorige week zaterdag verbrandde de Keniaanse overheid 105 ton ivoor en hoorn van de neushoorn in een nationaal park bij Nairobi. De president van Gabon stond naast Kenyatta, maar veel andere Afrikaanse leiders die zouden komen, bleven weg. Kenia gaat nu voorop in de strijd tegen stroperij, maar het blijft de vraag of andere Afrikaanse landen volgen.

Lees meer achtergrondverhalen in NUweekend

Lees meer over:

Columns Pieter Derks

Columns Pieter Derks
Cabaretier Pieter Derks duidt en verwerkt maandelijks het nieuws van de voorbije weken. 

Over NUweekend

Over NUweekend
Op NUweekend vindt u iedere week een selectie achtergrondverhalen, analyses of mooie interviews.
Tip de redactie