Waarom het onverstandig is om geen financiële buffer te hebben

Een onverwachte naheffing van de Belastingdienst, een kapotte wasmachine of een auto die nodig gerepareerd moet worden, komen nooit goed uit. Daar is een financiële buffer voor. Toch blijken veel mensen daar te weinig voor opzij te zetten.

Eerder deze week heeft het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting (Nibud) daarom een vernieuwde bufferberekenaar gelanceerd

Volgens de berekenaar moet een alleenstaande zonder auto en een bijstandsinkomen al 3.300 euro achter de hand hebben. Maar een derde van de Nederlanders heeft dat bedrag niet.

Waar een buffer uit bestaat

Het bedrag dat de berekenaar toont, bestaat uit vijf posten. Allereerst de vervanging van inventaris, zoals de kosten voor een nieuwe computer, koelkast of wasmachine.

"Als je bed kapot gaat, dan kun je in feite een tijd op een matras gaan liggen. Maar dat kan wel je levensgeluk beïnvloeden. Daarom wil je in een gewone situatie in ieder geval je bed kunnen vervangen", legt wetenschapper Anna van der Schors van het Nibud uit. Maar een nachtkastje dat kapot is gegaan, hoeft niet direct vervangen te worden. "Dan leg je je boek maar even op de grond. Zo zijn we de hele lijst met inventaris bij langs gegaan."

Ook wordt er in het bufferbedrag rekening gehouden met onverwachte rekeningen. Dat kan een naheffing van de fiscus zijn of onverwachte zorgkosten die onder het eigen risico vallen. Eén persoon zou daar ongeveer 500 euro voor moeten reserveren, stelt het instituut.

"Die 500 euro dekt niet alles, maar dan heb je wat ruimte om zo'n onverwachte rekening op te vangen. Als je alleen het verplichte eigen risico van 385 euro hebt, dan kun je dat in ieder geval dekken", meent Van der Schors.

Verder bestaat het geldbedrag uit reparatie- en vervangingskosten voor een auto en kosten voor onderhoud aan de woning en tuin.

Bufferbedrag is niet in beton gegoten

"Het lijken nu allemaal heel gescheiden potjes, maar feitelijk heb je gewoon een hoop met geld", stelt de onderzoeker. Het geeft dan niet als de ene post wat duurder uitvalt, omdat andere kosten misschien wel lager zullen zijn.

"Het is niet een in beton gegoten bedrag, het is een richtlijn. En dan kun je op basis daarvan kijken naar je eigen situatie", zegt Van der Schors. "Als je auto net een grote beurt heeft gehad, dan zul je daar even wat minder voor achter de hand hoeven houden."

"Ik kan me wel voorstellen dat mensen schrikken van het bedrag. Maar als je dit hebt, hoef je je ook geen zorgen meer te maken over of je het kunt betalen als er iets onverwachts gebeurt."

Het is niet meteen een ramp als er minder op de spaarrekening staat. "Als je minder hebt, dan kun je nog op je levensstijl inboeten. Maar wij gaan uit van welke situatie je zou willen hebben."

"Maar als je helemaal niks hebt, dan zou ik me wel zorgen maken. Want dan kan elke rekening die anders uitvalt, betekenen dat je je eten niet kunt betalen of dat je gewoon ergens geld moet lenen of rood moet staan."

Een buffer is geen noodpotje

Het Nibud benadrukt dat de persoonlijke adviesbuffer meer is dan een noodpotje. Met het bedrag zouden kapotte spullen direct vervangen moeten kunnen worden door soortgelijke exemplaren. 

"Een noodpotje zou zijn dat je met 1.000 euro elke keer wat kunt opvangen. Hier gaan we uit van een bepaalde inkomenssituatie. Daar hoort een bepaalde levensstijl bij en die wil je kunnen behouden."

“Structureel rood staan betekent dat je altijd te veel uitgeeft.”
Anna van der Schors

Een op de vijf heeft geen spaargeld

Uit een onderzoek dat het Nibud vorige maand publiceerde, blijkt dat 20 procent van de ondervraagden helemaal niet spaart. Ruim de helft van deze groep doet dit niet, omdat het geld hard nodig is om van rond te komen. 

Het Nibud raadt iedereen aan om maandelijks minstens 10 procent van het inkomen te sparen. Maar dit is zeker niet voor iedereen weggelegd.

Zo heeft een op de vijf respondenten niet eens spaargeld. En van de spaarders heeft ongeveer een derde minder dan 2.500 euro achter de hand. 

Drie op de tien ondervraagden zeggen dan ook te weinig spaargeld te hebben om de twee duurste bezittingen direct te kunnen vervangen. 

Volgens Van der Schors lopen mensen zonder buffer een veel grotere kans op rood staan en betalingsachterstanden. "Grotere uitgaven zul je altijd hebben. En dan zou je dus moeten lenen om het te kunnen betalen."

"Het sparen is het voorkomen van lenen. En dan zie ik rood staan ook als lenen. Voor rood staan betaal je een van de hoogste rentepercentages", benadrukt ze. "Structureel rood staan betekent dat je altijd te veel uitgeeft."

Ruim 20 procent houdt uitgaven niet bij

Uit het onderzoek blijkt ook dat 23 procent de eigen inkomsten en uitgaven nooit bijhoudt. Ruim de helft zet het minimaal één keer per jaar op een rij.

Verder heeft bijna de helft nog nooit een begroting gemaakt. In zo'n begroting staan niet alleen de vaste lasten en de inkomsten, maar ook de verwachte grote uitgaven die iemand niet maandelijks heeft.

"Een begroting is een goede manier om te anticiperen op grote uitgaven. Dat je niet zomaar voor verrassingen komt te staan", zegt de onderzoeker. "Dan heb ik een apk, moet ik een winterjas kopen of de schilder langs laten komen. Tuurlijk zijn sommige kosten onverwacht, maar andere uitgaven kun je wel enigszins zien aankomen." 

Kwetsbare groepen hebben moeite met buffers opbouwen

Juist de mensen die het hardst een buffer nodig hebben, blijken maar moeilijk in staat om die op te bouwen. Het Nibud maakt zich vooral zorgen over mensen die van een uitkering afhankelijk zijn. 

Drie kwart van hen kan moeilijk rondkomen. Dat aandeel ligt onder werkenden en gepensioneerden een stuk lager op 36 procent.

Het verschil tussen deze beide groepen is sinds 2012 groter geworden. Dat komt vooral doordat mensen met een uitkering relatief meer koopkracht hebben verloren.

Hoe je met weinig geld toch een buffer opbouwt

Van der Schors zegt dat mensen klein moeten beginnen, ook als ze moeite hebben met rondkomen. "Er zijn wel wat mogelijkheden. Dat je bijvoorbeeld vakantiegeld of een onverwachte meevaller meteen opzij zet."

"Je kunt ook, en dan begin je laag, 10 euro per maand automatisch op een spaarrekening laten zetten." Hoewel dat een laag bedrag is, helpt het volgens de onderzoeker al enorm als sparen “in je systeem” raakt.

Open een spaarrekening

Het openen van een spaarrekening is al een stap in de goede richting. Van alle huishoudens heeft 17 procent geen spaarrekening. Het gaat vaker dan gemiddeld om mensen die moeilijk rondkomen, werklozen, huurders en mensen met lagere inkomens.

"Open nou een spaarrekening en zorg dat het een apart potje wordt. Door het apart te zetten, kom je er toch minder snel aan. Ik zou ervoor willen pleiten dat alle banken gewoon automatisch een spaarrekening meegeven."

“Misschien kan je kiezen voor een goedkoper abonnement voor internet of je telefoon. Dan hou je wat over.”
Anna van der Schors

Kijk naar je uitgavenpatroon

Verder is het belangrijk om naar het uitgavenpatroon te kijken. Het Nibud heeft een hulpmiddel voor persoonlijk budgetadvies. De gebruiker ziet daarin ook wat een vergelijkbaar gezin kwijt is aan bijvoorbeeld kleding, inventaris of zorgkosten die niet vergoed worden.

"Ga nog even al je uitgaven bij langs. Bekijk waar je relatief veel geld aan uitgeeft en waar je nog wel wat op zou kunnen bezuinigen", zegt Van der Schors. "Misschien kan je kiezen voor een goedkoper abonnement voor internet of je telefoon. Dan hou je wat over. Dat kun je op een spaarrekening zetten."

Laat je aan je spaardoelen herinneren

Het lijkt te helpen mensen als mensen vaker aan hun spaardoelen worden herinnerd. Faciliteiten die banken aanbieden, zoals het instellen van doelen of pinsparen, kunnen oplossingen zijn. Bij pinsparen wordt een bepaald percentage van het aankoopbedrag direct overgemaakt naar de spaarrekening.

"Het kan ook helpen als je iemand vertelt dat je wil gaan sparen", zegt Van der Schors. Dat maakt het makkelijker om impulsaankopen te vermijden.

Tot slot adviseert het instituut een spaarplan te maken. Dat plan moet duidelijk maken hoe lang iemand moet sparen om het gewenste, noodzakelijke of ideale bedrag bij elkaar te kunnen sprokkelen.

Lees meer achtergrondverhalen in NUweekend

Lees meer over:

Columns Pieter Derks

Columns Pieter Derks
Cabaretier Pieter Derks duidt en verwerkt maandelijks het nieuws van de voorbije weken. 

Over NUweekend

Over NUweekend
Op NUweekend vindt u iedere week een selectie achtergrondverhalen, analyses of mooie interviews.
Tip de redactie