Planbureau benadrukt urgentie klimaatkwestie tijdens formatie

De komende kabinetsperiode moet werk worden gemaakt van het aanpakken van het klimaatprobleem. Dat heeft de directeur van het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) Hans Mommaas maandag gezegd. Mommaas praatte de vier partijen bij die over een nieuwe regering onderhandelen.

''Ik heb duidelijk gemaakt dat er enige urgentie is op dit dossier, zeker in de komende kabinetsperiode'', zei Mommaas. Klimaat en energie zijn echter niet de enige ''grote opgaven" die ter tafel kwamen in het gesprek met de leiders van VVD, CDA, D66 en GroenLinks.

''We hebben het gehad over landbouw en natuur, de circulaire economie en versterking van de stedelijke regio’s", aldus de PBL-directeur. De circulaire economie is gericht op zo veel mogelijk hergebruik en het vermijden van milieuschade.

Parijs

Over klimaat is in algemene zin gesproken, zei Mommaas. Op de specifieke voorstellen uit de partijprogramma’s is niet ingegaan. Het PBL bracht eerder al rapporten uit over het klimaatakkoord van Parijs en over de milieumaatregelen uit verkiezingsprogramma’s. Om de wereldwijde temperatuurstijging in 2050 onder de 2 graden Celsius te houden, moet de CO2-uitstoot 80 tot 95 procent lager zijn ten opzichte van 1990. In 2030 moet de reductie tussen 43 en 49 procent liggen.

Van de vier partijen aan de onderhandelingstafel halen alleen de programma's van GroenLinks (62 procent) en D66 (55 procent) dat. De VVD blijft steken op 24 procent minder CO2-uitstoot in 2030. Het CDA liet zijn programma niet doorrekenen door het PBL.

Na afloop van het gesprek waren de partijleiders zwijgzaam. Subrand Buma (CDA): "We hebben vooral gesproken over de presentatie van het PBL en daar zullen wij nog verder over spreken."

Ook GroenLinks-leider Jesse Klaver wilde niet veel kwijt. "Het PBL heeft ons meegnomen in wat de stand van zaken is op het gebied van klimaatbeleid."

Tip de redactie