Onduidelijkheid over luchtaanval VS op gifgasdepot IS

Bij een Amerikaanse luchtaanval op Syrië is volgens het Syrische leger woensdag een opslagplaats van gifgas van de terreurgroep Islamitische Staat (IS) in Deir al-Zor getroffen. Daarbij zouden honderden mensen zijn gedood. 

Het toont volgens het leger aan dat de jihadisten van IS en groepen met banden met al-Qaeda chemische wapens hebben.

De door de VS geleide coalitie ontkent het gifgasdepot te hebben geraakt. "De coalitie heeft rond die tijd geen luchtaanvallen uitgevoerd in dat gebied. De Syrische bewering is onjuist en vermoedelijk ook opzettelijk misleidend", aldus de Amerikaanse luchtmacht. Ook het Russische ministerie van Defensie zegt geen informatie over een aanval rond die tijd te hebben.

De waarnemers van het Syrische Observatorium voor de Mensenrechten (SOHR) maakten wel melding van een luchtaanval in dezelfde streek. Maar die was donderdag volgens het SOHR. Daar zouden zeven mensen zijn gedood en zeventig anderen gewond zijn geraakt.

OPCW

Deskundigen van de OPCW (Organisatie voor het Verbod van Chemische Wapens) hebben donderdag laten weten in Turkije materiaal te verzamelen voor hun onderzoek naar de gifgasaanval in het noorden van Syrië. De onderzoekers van de in Den Haag gevestigde OPCW willen ook met overlevenden spreken. Tijdens een luchtaanval 4 april op Khan Sheikhoun in de provincie Idlib ontplofte gifgas. Er zijn 87 mensen gedood onder wie veel kinderen.

Het zou gaan om een zenuwgas dat volgens de Amerikaanse president Donald Trump vanuit Syrische gevechtsvliegtuigen via bommen werd afgevuurd. Hij liet de basis van de vliegtuigen afgelopen vrijdag met raketten bestoken. Syrië en Rusland stellen dat in Khan Sheikhoun een opslagplaats van jihadisten is geraakt, waar de extremisten chemische wapens maken en bewaren. 

Soort wapens

De missie van de OPCW gaat enkel kijken wat voor wapens zijn gebruikt. De resultaten van het onderzoek worden over ruim drie weken verwacht. Ze worden dan overgedragen aan een gezamenlijke onderzoeksmissie van de VN en de OPCW. Die moet achterhalen wie met het gif gooide.

De Russische president Vladimir Poetin en zijn Turkse ambtgenoot Recep Tayyip Erdogan steunen het onderzoek Dat melden bronnen rond de Turkse president. De leiders spraken elkaar donderdag telefonisch. Erdogan zou daarbij hebben benadrukt dat het gebruik van chemische wapens een misdaad tegen de menselijkheid is.

Britse wetenschappers concludeerden eerder al dat het gif dat in Khan Sheikhoun is gebruikt, overeenkomt met sarin, een zenuwgas. 

De Syrische president Bashar al-Assad ontkent donderdag achter een gifgasaanval te zitten en zegt dat het leger alle chemische wapens heeft opgegeven.

Lees meer over:
Tip de redactie