Wij, Lex

Ik wist dat het eraan zat te komen. Dat de pret niet eeuwig kon duren.

Maar toch moest ik maandag even een brok in mijn keel wegslikken toen ik het bericht zag: Feyenoord heeft een nieuwe nummer 10 gehaald. Ik heb niks tegen Otman Bakkal, hoor. Integendeel, het lijkt me een lieve jongen en hij kan nog een fijn potje ballen ook. Aan Otman Bakkal is eigenlijk maar één ding mis: hij is geen Lex Immers.

Ik ben Lex Immers-fan. Niet omdat hij bij Feyenoord speelt (juíst niet, eigenlijk), maar omdat - en dat bedoel ik in de meest positieve zin van het woord - hij er geen hout van kan. Lex verkeert in permanente staat van oorlog met de bal (dat rotding luistert nooit naar hem), Lex mist iedere wedstrijd vier kansen uit de categorie Die Had Mijn Schoonmoeder Nog Wel Gemaakt, Lex trapt in zijn eigen schijnbewegingen en Lex z'n haar ziet er (zeker naast dat van Pellè) uit alsof het geknipt is met een grasmaaier.

Hoe hij ooit als nummer 10 in De Kuip terecht is gekomen is een raadsel. Als je de loopbaan van Lex Immers tien keer overdoet, dan wordt hij negen keer marktkoopman ("Twei makreile voâh vèf eurau!"), vakkenvuller of beroepswerkloze in plaats van voetballer. Dan had hij op zondag gewoon met een lamgeslagen biertje en een lauwe kroket op de tribune gestaan, en niet op het veld.

Maar juist daarom ben ik diehard supporter van Lex. Sterker nog: ik ben een beetje Lex. En nog sterker: wij zijn allemáál een beetje Lex. Lex beleeft de jongensdroom die iedere voetbalsupporter ergens diep van binnen heeft: hij is van de tribune gehaald en ze hebben 'm een shirt en een paar voetbalschoenen gegeven.

In ruil daarvoor rent hij iedere wedstrijd als een blinde over het veld; beukend, schoffelend, vloekend en tierend. Als 'stofzuiger' - wat dat ook moge betekenen. Soms raakt hij een bal goed: dan juicht hij alsof hij net de winnende in de blessuretijd van de WK-finale heeft gemaakt. Met een omhaal. In de winkelhaak. Tegen Duitsland.

Middelvinger

Van alle voetballers in de eredivisie staat Lex het dichtst bij ons, kansloze rukkers die nooit in een stadion voor 50.000 man mogen voetballen. En dat weet hij. Lex gaat niet naar Dinamo Vladikavkaz omdat hij daar een paar nullen meer op zijn bankrekening krijgt, Lex wordt niet opgeroepen voor het Nederlands elftal (wat tegenwoordig, als Nederlander in dienst voor Feyenoord, al een prestatie op zich is), Lex doet niet aan mediatraining, Lex steekt tijdens de wedstrijd gewoon zijn middelvinger op als hij iemand een lul vindt, Lex stapt na afloop niet in de spelersbus met een metroseksueel Louis Vuitton-tasje met oogcrème en een conditioner met palmolie erin.

Lex snapt net als wij ook in de verste verte niet wat Messi, Xavi en Iniesta en al die anderen allemaal kunnen met een bal. Lex kan geen tiki's. En al helemaal geen taka's.

Natuurlijk begrijp ik dat ze bij Feyenoord niet eeuwig met Lex als schaduwspits blijven spelen, en dat ze liever een voetballer dan een stofzuiger met een grasmaaierskapsel in het veld hebben staan. Ik hoop alleen dat Lexie straks zo af en toe nog eens een potje mag meedoen van de trainer. Voor hemzelf.

En een beetje voor ons.

Programma Premier League Darts

Programma Premier League Darts
Titelverdediger Michael van Gerwen staat na de achtste speelronde aan kop in het klassement.
Tip de redactie