Mulder rekent op startbewijs

HEERENVEEN - "Wat kan ik zeggen, dankzij de overwinning van Bob sta ik gewoon op plek tien." Ronald Mulder kon na afloop van de tien kilometer de tegenvallende prestatie van Carl Verheijen meteen relativeren.

"Natuurlijk was het voor mij beter geweest als Carl hier tweede was geworden. De kans dat hij een ticket op de vijf kilometer pakt is immers aanwezig, maar het mocht niet zo zijn."

"Niettemin voldoe ik momenteel gewoon aan de norm en kan ik mij eigenlijk niet voorstellen dat de KNSB iemand anders aanwijst." Mulder kijkt daarbij naar de door hem behaalde resultaten van dit seizoen.

Podium

"Ik heb tijdens de World Cups vier keer in de top acht gereden en zelfs een keer op het podium gestaan. Daarmee heb ik aangetoond mee te kunnen strijden met de internationale top." En passant verbeterde Mulder in Calgary ook nog eens het Nederlands record op de kortste sprintafstand.

"De beste tien schaatsers moeten naar Vancouver gaan. De jongens van Control hebben duidelijk aangetoond daar bij te horen en vooralsnog Wouter (Olde Heuvel - red.) en Erben (Wennemars) niet. Die kunnen dan toch niet alsnog aangewezen worden."

Beter

De sprinter van de APPM-ploeg werd daarin meteen bijgevallen door zijn coach Johan de Wit. "Wie kan de schaatsbond aanwijzen die beduidend beter is als Ronald?", vroeg hij zich openlijk af.

"Hij heeft het hele seizoen aangetoond op een hoog niveau te kunnen rijden. Natuurlijk kunnen de hoge heren anders beslissen, maar eigenlijk zou dat belachelijk zijn."

Ploegenachtervolging

Mulder kan geen begrip opbrengen als de KNSB besluit het tiende startbewijs op te eisen ten behoeve van de ploegenachtervolging. "Dat is onzin. Kijk hoe sterk de jongens van Jac Orie hier rijden. Die kunnen ook gemakkelijk in de ploegenachtervolging."

"Daarnaast kan Carl zich nog gewoon op de vijf kilometer plaatsen en dan heb je met Sven Kramer, Mark Tuitert, Stefan Groothuis en Simon Kuipers gewoon vijf man die de achtervolging kunnen rijden."

Tip de redactie