Verenigingen nemen onderhoud sportvelden op zich

De buitensportverenigingen worden vanaf maart zelf verantwoordelijk voor het onderhoud aan de sportvelden en de clubgebouwen. Voorheen liet de gemeente Roosendaal deze werkzaamheden uitvoeren door een aannemer. 

Daarbij ging het vooral om het reguliere onderhoud, zoals het maaien van gras, verticuteren en het bemesten van de sportvelden. De verenigingen krijgen voortaan vanuit de gemeente voor dit werk jaarlijks ongeveer 6500 euro per veld.

Daar staat tegenover dat de verenigingen geen huur meer hoeven te betalen voor het gebruik van de sportvelden. De clubs kunnen er zelf voor kiezen of ze de werkzaamheden geheel laten uitvoeren door een aannemer of door vrijwilligers.

"Op deze manier kunnen verenigingen ook bezuinigen. Als ze bijvoorbeeld zelf een grasmaaier kopen en ze vinden een vrijwilliger die wil maaien, dan levert dat geld op. Ze mogen zelf weten hoe ze dat invullen en als ze geld over houden hoeven ze dat niet terug te betalen", vertelt wethouder Toine Theunis van Sport.

Overeenkomsten

De gemeente heeft met de verenigingen gebruiksovereenkomsten afgesloten waarin de nieuwe afspraken zijn vastgelegd. Theunis benadrukt dat de clubs altijd een beroep kunnen blijven doen op de lokale overheid: "Wij trekken ons niet geheel terug, maar blijven beschikbaar voor advies. Ook vervangen wij de velden als dat nodig is. Zulke grote taken leggen wij niet neer bij de clubs. Daar hebben zij de financiële middelen niet voor."

De nieuwe situatie geldt voor in totaal dertien sportverenigingen. Daaronder zijn tien voetbalclubs, handbalvereniging HV Heerle, rugbyvereniging Bekaro en honk- en softbalvereniging de Boosters; zij zijn actief op 39 sportvelden.

De wethouder heeft er vertrouwen in dat de overdracht van het onderhoud aan de buitensportaccommodaties positief uitvalt. Hij denkt dat clubs elkaar ook meer zullen helpen. Hij wijst er ook op dat de gemeente veel doet voor de verenigingen. Zo krijgen de clubs de OZB-kosten gecompenseerd en mogen zij gebruik maken van het duurzaamheidsfonds om bijvoorbeeld zonnepanelen en elektrische boilers te installeren. Op deze manier kunnen zij besparen op energiekosten.

Tip de redactie