Bussemaker vindt het te vroeg voor conclusies gevolgen leenstelsel

Minister Jet Bussemaker van Onderwijs vindt dat er nog geen conclusies mogen worden verbonden aan de invoering van het stelsel, ondanks de kritiek die onder andere de SP, CDA en verschillende studentenorganisaties hebben geuit.

"We kunnen pas over drie tot vier jaar zien wat de structurele effecten zijn", zei de PvdA-bewindsvrouw woensdag in het Kamerdebat over het leenstelsel.

Oppositiepartijen SP en CDA, tegenstanders van de invoering van het stelsel, concluderen dat het leenstelsel voor een forse afname van het aantal inschrijvingen bij hogescholen en universiteiten heeft gezorgd. 

Ook zou het nieuwe systeem ervoor zorgen dat er minder studenten vanuit het middelbaar onderwijs doorstromen naar het hoger onderwijs. Zij stellen ook dat lenen tot gevolg heeft dat het aantal studenten met laagopgeleide ouders afneemt.

Tussenjaar

De afname van het aantal inschrijvingen heeft volgens Bussemaker niets te maken met het leenstelsel. Zij stelt dat meer studenten zich in 2013 en 2014 hebben ingeschreven om op die manier nog gebruik te maken van de basisbeurs. Nu het leenstelsel is ingevoerd, zouden er meer studenten weer gebruik maken van een tussenjaar, wat de afname kan verklaren.

Hoewel de minister volhoudt dat er nog geen conclusies verbonden mogen worden aan de eerste onderzoeken naar de invoering van het leenstelsel, vindt zij wel dat problemen die naar boven komen "benoemd moeten worden". "Er zijn elementen die de nodige aandacht behoeven", aldus Bussemaker.

Kwesties over bijvoorbeeld de instroom van eerste generatie studenten (dit jaar gedaald van 43 naar 38 procent), moeten daarom nader onderzocht worden.

De minister vindt dat de reden dat mbo’ers besluiten niet verder te studeren vanwege een leenaversie, niet te wijten is aan het leenstelsel. Het percentage scholieren met financiële bezwaren is namelijk onveranderd gebleven.

'Paniekzaaierij'

VVD-Kamerlid Pieter Duisenberg beticht de Kamerleden van de SP en CDA van "plat politiek opportunisme". Volgens de VVD’er trekken deze oppositiepartijen veel te snel conclusies, doen zij aan "paniekzaaierij" en handelen ze niet in het belang van de studenten.

Bussemaker riep de Kamerleden, met name de tegenstanders, op om zich vooral aan de feiten te houden. "Die gezamenlijke verantwoordelijkheid hebben we."

Kamerlid Michel Rog (CDA) vindt de kritiek van de minister misplaatst. "Ik heb de feiten benoemd: 9000 jongeren zijn niet gaan studeren in het HBO. Dat mag ik zeggen."

SP’er Jasper van Dijk verwerpt de kritiek van Duisenberg en stelt dat hij slechts de problematische cijfers aan de kaak stelt. "Dit is een klassieke 'shooting the messenger'", aldus Van Dijk.

Studentenorganisatie ISO verwacht dat de minister snel met concrete maatregelen komt om verdere kansenongelijkheid te voorkomen. Met name studenten met een functiebeperking en de haperende doorstroming van mbo'ers naar het hoger onderwijs moeten extra aandacht krijgen.

Lees meer over:

Dagelijkse nieuwsbrief

Dagelijkse nieuwsbrief
Elke ochtend rond 06.00 uur weten wat het nieuws wordt?
Tip de redactie