Pensioenen van 1,8 miljoen mensen volgend jaar mogelijk omlaag

Naar verwachting moeten 27 pensioenfondsen in 2017 een korting doorvoeren. Dat komt neer op in totaal 1,8 miljoen mensen die een half procent minder pensioen krijgen.  

Bij een modaal aanvullend pensioen van ongeveer 1.100 euro per maand gaat het om een korting van 5,50 euro bruto per maand. Het betreft tweehonderdduizend mensen die al een pensioen ontvangen, de overige mensen werken nog.

Dat schrijft staatssecretaris Jetta Klijnsma (Sociale Zaken) vrijdag aan de Tweede Kamer op basis van een rapportage van De Nederlandsche Bank (DNB).

De toezichthouder heeft op verzoek van het ministerie van Sociale Zaken onderzoek gedaan naar de financiële positie van pensioenfondsen.

Verwachtingen

DNB heeft gekeken naar de vooruitzichten voor pensioenfondsen voor volgend jaar en neemt daarbij de situatie van eind maart als uitgangspunt voor de herstelplannen van 2017. 

In dit scenario stijgt het aantal fondsen met een te laag eigen vermogen. Daardoor stijgt ook het aantal fondsen dat in 2017 een herstelplan moet indienen van 183 naar 200. Dat betekent 99 procent van alle deelnemers.

"De vraag is in hoeverre deze fondsen binnen de wettelijke hersteltermijn van tien jaar kunnen herstellen tot het vereist eigen vermogen zonder dat zij hierbij kortingen moeten doorvoeren", schrijft Klijnsma.

Door de nieuwe spelregels omtrent pensioenen, mogen fondsen er maximaal tien jaar over doen om weer de minimale dekkingsgraad te behalen voordat er gekort moet worden. Als deze situatie wordt doorgetrokken, waarbij er niet wordt uitgegaan van herstel, verwacht DNB een korting bij 27 fondsen voor 1,8 miljoen mensen.  

Aan het eind van de zomer kijkt het kabinet naar de koopkrachtplaatjes voor volgend jaar. Minister Jeroen Dijsselbloem (Financiën) liet al weten dat ouderen mogelijk worden gecompenseerd als zij er fors op achteruit gaan omdat hun pensioenen worden gekort.

Geld in kas

Fondsen moeten nu genoeg geld in kas hebben om ook de toekomstige pensioenen te kunnen betalen. Deze verhouding, de dekkingsgraad, is bepalend voor of de pensioenen kunnen meestijgen met de prijzen (indexeren) of dat er zelfs gekort moet worden. 

In de eerste drie maanden van dit jaar is die dekkingsgraad van veel fondsen verder gedaald door slechte beurskoersen en door een lage rente. In 2015 was de dekkingsgraad 102 procent. Deze zakte verder naar 96 procent op 31 maart 2016.

De gemiddelde dekkingsgraad van de afgelopen twaalf maanden (de beleidsdekkingsgraad), was eind maart 102 procent, maar de beleidsdekkingsgraad mag wettelijk niet langer dan vijf jaar onder 104,2 procent liggen. Als fondsen er in tien jaar niet bovenop komen, moeten ze de pensioenen verlagen.

Stelsel

Vrijdag werd ook een stap gezet richting een nieuw pensioenstelsel door de Sociaal-Economische Raad (SER). Het huidige stelsel is volgens de SER niet meer van deze tijd en moet bovendien beter bestand zijn tegen financiële schokken. 

De variant 'Persoonlijk pensioenvermogen met collectieve risicodeling' is de afgelopen maanden onderzocht en wordt nog steeds als interessant gezien door de organisatie.   

Lees meer over:

Dagelijkse nieuwsbrief

Dagelijkse nieuwsbrief
Elke ochtend rond 06.00 uur weten wat het nieuws wordt?
Tip de redactie