Jongeren krijgen vanaf 21 jaar zelfde minimumloon als volwassenen

Jongeren komen vanaf hun 21ste in aanmerking voor een volwaardig loon, nu is dat nog 23 jaar. Het minimumjeugdloon voor mensen tussen de 18 en 21 jaar gaat omhoog. 

Dat maakt minister Lodewijk Asscher (Sociale Zaken) donderdag bekend.

"Volwassenen verdienen een volwassen beloning", zei Asscher. Hij complimenteerde de mensen die hiervoor het afgelopen jaar actie hebben gevoerd, zoals jongerenbeweging Young United van FNV. 

"Zij hebben dat op een aanhoudende en ludieke manier gedaan", zegt de bewindsman. Hij verwijst naar de actie van een 19-jarige vakkenvuller op een aandeelhoudersvergadering van Ahold vorig jaar. Hij verdiende als volwassene het jeugdloon en voelde zich daardoor "uitgekleed", waarop hij zich van zijn bovenkleding ontdeed voor de ogen van de Ahold-directie.

Asscher spreekt van een "gezamenlijke inspanning" van het kabinet, de coalitiepartijen en de sociale partners. "Jongeren die werken krijgen voortaan het inkomen dat ze verdienen, en werkgevers en werknemers steunen deze stappen, daar mogen we in dit land trots op zijn", zegt PvdA-Kamerlid Roos Vermeij.

VVD

Er wordt door de politiek, werknemers en werkgevers al langer gesproken over de verhoging van het jeugdloon. De Tweede Kamer riep Asscher in september vorig jaar al op het minimumjeugdloon substantieel te verhogen. Een motie van D66 kreeg destijds steun van de PvdA, SP, ChristenUnie en GroenLinks.

De VVD tekende toen nog niet mee, maar omdat nu met aanvullende maatregelen voor compensatie is gezorgd, staan ook de liberalen achter het plan. "We gunnen natuurlijk iedereen een hoger loon, maar vooral ook een baan. Baanverlies is nu in overleg met werkgevers en werknemers gecompenseerd", zegt VVD'er Bas van 't Wout.

Historische stap

FNV-bestuurder Gijs van Dijk noemt de aanpassing in het jeugdloon een historische stap en spreekt tegelijkertijd van een emotionele dag. "We zijn hier al zo lang mee bezig. Na alle acties en activiteiten is het eindelijk zo ver."

Asscher liet eind vorig jaar onderzoek doen naar de gevolgen van een fors hoger jeugdloon door het Centraal Planbureau (CPB). Daaruit werd geconcludeerd dat er duizenden banen zouden verdwijnen. Een beperkte verhoging heeft bijna geen effect op de werkgelegenheid, aldus het planbureau.

De angst voor negatieve werkgelegenheidseffecten bestond ook bij de werkgevers. Er zijn daarom afspraken gemaakt die dat voor een deel moeten compenseren, zoals het verlagen van loonkosten van jong personeel.

MKB-Nederland-voorman Michaël van Straalen is ervan overtuigd dat door deze maatregelen het CPB nu met hetzelfde onderzoek tot een andere conclusie zou komen. "Dit is goed voor het bedrijfsleven en goed voor de werknemers", aldus Van Straalen.

Video: Minimumloon van 23 naar 21 jaar

Wet werk en zekerheid

Asscher presenteerde ook aanpassingen op de sinds vorig jaar zomer ingevoerde Wet werk en zekerheid (Wwz). De wet moet mensen sneller aan een vaste baan helpen en de flexcontracten terugdringen, maar steeds meer signalen bereikten de minister dat het tegenovergestelde gebeurde.

"We hebben gehoord dat het in de praktijk op een aantal punten knelt", zegt Asscher. Daarom zijn er gesprekken gevoerd tussen het kabinet en de sociale partners om de plooien glad te strijken. "Het gaat om het doel dat we met elkaar nastreven. Je moet bereid zijn de middelen aan te passen", aldus de bewindsman.

Flexwet

Zo'n knelpunt deed zich voor bij de Flexwet, een onderdeel van de Wwz. Sectoren met seizoenswerk zoals de horeca en de tuinbouw kwamen hiermee in de problemen. Nu moeten werkgevers na twee tijdelijke contracten iemand in vaste dienst nemen of minimaal een half jaar wachten met een nieuw flexcontract. 

Daarop wordt nu een uitzondering gemaakt voor seizoensgebonden werkzaamheden. De periode dat werkgevers aan werknemers een nieuw, tijdelijk contract mogen aanbieden, wordt teruggeschroefd naar drie maanden, net zoals in de oude situatie. Werknemers en werkgevers bepalen zelf in de cao welke functies hiervoor in aanmerking komen.

De oplossing die al eerder in de agrarische sector werd gevonden, geldt als goed voorbeeld voor de overige sectoren. Asscher: "Zo kun je gewoon doorwerken met dezelfde seizoenskrachten."

Transitievergoeding

Een ander pijnpunt uit de Wwz is de transitievergoeding (de oude ontslagvergoeding) voor werknemers die langdurig ziekt zijn. Een doorn in het oog van veel werkgevers die vinden dat zij in zo'n geval te zwaar financieel worden belast. Midden- en kleinbedrijven zouden daardoor terughoudend zijn met het aannemen van personeel.

"Werknemers hebben na twee jaar ziekte recht op een transitievergoeding, maar dat kan voor bedrijven een bittere pil zijn. Dat komt er voor werkgevers soms nog bij nadat ze misschien al enorm hun best hebben gedaan om mensen weer aan het werk te krijgen", zegt Asscher, die al eerder aangaf hier een oplossing voor te zoeken.

Daarom besluit de minister na overleg met de betrokken partijen dat werknemers hun recht op een transitievergoeding behouden en dat werkgevers hiervoor worden gecompenseerd door het Algemeen werkloosheidsfonds.

De transitievergoeidng gaat ook op de schop voor bedrijven die hun bedrijfsvoering moeten staken vanwege ziekte of pensioenering van de werkgever. Sommige bedrijven kunnen er nu helemaal niet mee stoppen omdat de vergoeding niet betaald kan worden. Ook hier worden werkgevers gecompenseerd via het  Algemeen werkloosheidsfonds.

Dagelijkse nieuwsbrief

Dagelijkse nieuwsbrief
Elke ochtend rond 06.00 uur weten wat het nieuws wordt?
Tip de redactie