Kabinet onderzoekt regels naturalisatie 'generaal pardonners'

Het kabinet laat onderzoeken of de regels om een Nederlands paspoort aan te vragen moeten worden versoepeld. Dat heeft staatssecretaris Fred Teeven (Veiligheid en Justitie) woensdag gezegd in de Tweede Kamer.

De evaluatie door de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) moet binnen een halfjaar klaar zijn.

Aanleiding voor de evaluatie zijn duizenden asielzoekers die onder het generaal pardon vallen, maar geen paspoort kunnen aanvragen, omdat zij niet beschikken over de juiste papieren. Een ruime Kamermeerderheid drong eerder op de dag op een evaluatie aan.

Volgens Teeven gaat het om 940 mensen. De meeste naturalisatieverzoeken die uit deze groep worden ingediend - 80 procent - worden wel ingewilligd, zei Teeven woensdag tijdens het overleg met de Kamer.

Door middel van een naturalisatieverzoek kunnen niet-Nederlanders de Nederlandse nationaliteit aanvragen. 

Een groot deel van de 27.000 asielzoekers die in 2007 een generaal pardon kregen, kan nu geen paspoort aanvragen omdat ze niet beschikken over een geboorteakte en paspoort uit het land van herkomst. De overheid kan daardoor de identiteit van deze mensen niet vaststellen.

Volgens de Kamer ontstaan hierdoor tweederangsburgers: ze mogen hier wel zijn, maar kunnen geen aanspraak maken op voorzieningen waar Nederlanders met een paspoort wel gebruik van kunnen maken.

 

Ebola

Tijdens het overleg ging Teeven ook in op uitzettingen van uitgeprocedeerde asielzoekers naar landen in West-Afrika waar het ebolavirus heerst. Hij ziet geen aanleiding om de uitzettingen naar die gebieden op te schorten.

Aanleiding voor het ingenomen standpunt is de ontstane ophef over een 31-jarige Liberiaanse man die maandag van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) te horen kreeg dat hij uitgezet mocht worden naar het land van herkomst.

Teeven, die normaliter geen individuele gevallen wil behandelen in de Kamer, nam de zaak van de Liberiaan als voorbeeld. "Als het gaat om een gezond persoon die bang is besmet te raken, dat is er geen reden terughoudend te zijn met uitzetting", aldus Teeven. Bovendien is de kans op besmetting zeer klein als de nodige voorzorgsmaatregelen worden genomen, vindt Teeven.

Wanneer de medische behandeling van een uitgeprocedeerde asielzoeker in het land van herkomst niet gegarandeerd kan worden, is terughoudendheid wel op zijn plaats. Betrokkenen die onder medische behandeling staan, worden door de staatssecretaris voorlopig niet terug gestuurd naar landen waar de medische faciliteiten "niet adequaat" zijn. 

Zieke uitgeprocedeerden zullen daarom voorlopig niet terug gestuurd worden naar landen waar ebola heerst.

Commotie

Er ontstond enige commotie in de Kamer nadat D66-Kamerlid Gerard Schouw aan de hand van een individuele zaak het uitzettingsbeleid naar ebolalanden aan de kaak wilde stellen, maar door de voorzitter van de Kamercommissie, Ton Elias (VVD) werd teruggefloten. 

Het is namelijk niet de bedoeling dat individuele zaken in de Kamer besproken worden, aldus Elias.

Sharon Gesthuizen (SP) was zichtbaar verbaasd en geïrriteerd over de houding van de voorzitter, omdat Teeven wel en de Kamer geen individuele zaken als voorbeeld in het debat mag gebruiken.

Lees meer over:
Tip de redactie