Raad van State kritisch over leenstelsel studenten

De studieschuldlast die gevolg is van het afschaffen van de basisbeurs, beperkt voor bijna 30 jaar de mogelijkheden om andere leningen aan te gaan.

Dat stelt de Raad van State in haar advies over het door minister Jet Bussemaker (Onderwijs) aangekondigde leenstelsel voor studenten, dat in plaats moet komen van de basisbeurs.

De studielast kan in totaal 27 jaar op de student blijven drukken, aldus de Raad. Alleen al voor de masterfase kan de schuldenlast door het leenstelsel met 38 euro per maand stijgen.

Studenten krijgen na twee aflossingsvrije jaren 20 jaar de tijd om hun studieschuld af te betalen. Ook krijgen ze 5 'jokerjaren', waarbij niet hoeft te worden afbetaald. Volgens de minister is hiervoor gekozen om te zorgen voor een ruime en flexibele terugbetalingsregeling.

Keuzes

Bussemaker wijst erop dat de schuld afhankelijk is van keuzes van de student zelf. Zo kan de student kiezen of hij thuis blijft wonen of niet, of een bijbaan nemen om minder te hoeven lenen.

Volgens haar is de hogere eigen bijdrage van studenten noodzakelijk, omdat de instroom in het hoger onderwijs de laatste decennia enorm is gestegen.

"Zonder extra investeringen in het hoger onderwijs, wordt het steeds moeilijker om de huidige hoge kwaliteit te garanderen", aldus de minister.

Kwaliteit

Bussemaker wil de opbrengsten van het leenstelsel herinvesteren in de kwaliteit van het onderwijs. Het was de Raad van State echter niet duidelijk op welke manier dit zal gebeuren.

In een reactie zegt de minister dit geld "in het bijzonder" te willen investeren in het hoger onderwijs en in onderzoek, zoals programma's voor excellente studenten, het verbeteren van de aansluiting van de vooropleiding op het hoger onderwijs en het verbeteren van de kwaliteit van docenten en lerarenopleidingen.

Bussemaker heeft vrijdag haar wetsvoorstel om het leenstelsel in te voeren in de masterfase naar de Tweede Kamer gestuurd. Deze moet vanaf schooljaar 2014/2015 ingaan.

Onlangs stelde de minister de invoering van het leenstelsel in de bachelorfase met een jaar uit.

Reactie studenten

De studentenorganisaties LSVb en ISO vinden dat Bussemaker met het wetsvoorstel aantoont niet naar de studenten te luisteren.

Volgens ISO-voorzitter Thijs van Reekum is het een belangrijke voorwaarde dat maatregelen worden getroffen voor de lagere inkomensgroepen, bijvoorbeeld het in stand houden van de OV-studentenkaart en het verhogen van de aanvullende beurs.

LSVb-voorzitter Kai Heijneman stelt dat bachelorstudenten met hun rug tegen de muur staan. "Ze gaan tijdens hun master hogere schulden maken dan gepland, moeten meer gaan werken of gaan helemaal geen master volgen."

Steun

Bussemaker is voor steun in de Eerste Kamer afhankelijk van D66 en GroenLinks. Momenteel worden met deze partijen hierover gesprekken gevoerd.

Eerder liet GroenLinks-Kamerlid Jesse Klaver weten het voorstel pas te kunnen steunen als er meer geld wordt geïnvesteerd in de kwaliteit van het onderwijs. Ook moet het collegegeld omlaag, de ov-studentenkaart behouden blijven en de aanvullende beurs voor minder vermogende ouders omhoog.

Op zondag 30 juni brengt NU.nl een interview met Jet Bussemaker over het leenstelsel.

Tip de redactie