Akkoord over alternatief zorgpremie-plan

DEN HAAG - Er is een alternatief gevonden voor de omstreden afspraak in het regeerakkoord voor een inkomensafhankelijke zorgpremie. Maandag bereikten VVD en PvdA daar overeenstemming over.

De inkomensafhankelijke zorgpremie is helemaal van tafel en wordt vervangen door een hogere arbeidskorting en een hogere heffingskorting voor de lage inkomens. Voor de hoge inkomens worden die kortingen afgebouwd.

Dat meldden VVD-fractievoorzitter Halbe Zijlstra, PvdA-fractievoorzitter Diederik Samsom en premier Mark Rutte maandagavond tijdens een gezamenlijke persconferentie na dagenlang overleg.

Lees de reacties op de aanpassing in het regeerakkoord

Een overzicht van de veranderingen in het regeerakkoord

Excuses

"Ik heb een fout gemaakt als onderhandelaar van de VVD", begon Rutte de persconferentie. "Ik bied aan mijn achterban mijn verontschuldigingen aan."

Hij vervolgde: "Ik zag het ook als mijn taak die fout te herstellen, en dat is wat we hebben gedaan. We zoeken het verkleinen van de inkomensverschillen nu in de sfeer van de inkomstenbelasting, en niet meer bij de zorgpremie."

Mede-VVD'er Zijlstra sprak van een "betere start" voor de coalitie. Hij benadrukte wel dat niemand moet denken dat mensen nu niks zullen merken van de bezuinigingen van het kabinet. "Iedereen in dit land zal er iets van meekrijgen, soms zelfs veel.''

Sociale agenda

Ook Samsom sprak van "gedeukt vertrouwen" wat hij zich zegt "aan te trekken" en wat hij "van plan is weer te herstellen". Volgens hem "doet het alternatief voor de inkomensafhankelijke zorgpremie, in essentie hetzelfde voor de verschillen tussen de inkomens". 

De PvdA krijgt met het nieuwe compromis ook een verschuiving van 250 miljoen euro van infrastructuur naar "versterking van de sociale agenda". Daarmee moeten de gevolgen van maatregelen zoals het terugbrengen van de WW-uitkering worden verzacht.

Koopkracht

Samsom zei verder dat het verkleinen van de inkomensverschillen nu minder hard gaat dan in het plan met de inkomensafhankelijke zorgpremie. In dat plan kwam de zogeheten mediane koopkracht (de middenlijn) voor de hoge inkomens uit op 4 procent koopkrachtverlies. Nu is dat verlies 2,5 procent, aldus Samsom. "Dat is minder, maar nog steeds fors.''

Volgens Samsom gaan de middeninkomens met het nieuwe akkoord er iets op vooruit of iets op achteruit. De hoge inkomens worden enigszins minder hard geraakt en dat geldt zeker voor de inkomens tussen 60.000 en 70.000 euro per jaar. De mensen in de bijstand gaan er iets op vooruit.

Vechtkabinet

De twee partijen benadrukten dat de nieuwe afspraken "in goede sfeer" tot stand zijn gekomen, en dat er geen sprake is van de vorming van een "vechtkabinet".

Volgens Samsom zullen er "de komende jaren" geen verdere aanpassingen van het regeerakkoord komen. 

Debat

Eerder maandagavond stemden de fracties van beide partijen al in met de oplossing die de top van VVD en PvdA ‘s middag overeen gekomen waren.

Dat er overeenstemming is bereikt over de wijzigingen betekent dat het debat dinsdag over de regeringsverklaring, waarbij de nieuwe versie van het akkoord ter discussie zal komen, gewoon doorgang kan vinden.

Protest

Vorige week donderdag kwamen de partijen voor het eerst bij elkaar om te zoeken naar een alternatief voor de afspraken die rond de zorgpremie zijn gemaakt in het regeerakkoord, na voortdurend protest daartegen uit voornamelijk de VVD-hoek.

De plannen zouden met name gezinnen die twee keer modaal verdienen hard treffen.

Het Centraal Planbureau (CPB) rekende daarop afgelopen weekeinde verschillende alternatieven voor de maatregel door die vrijdag werden aangedragen. Maandagmiddag kregen de onderhandelaars de cijfers ter beschikking.

Nibud

Maandag verschenen ook de vorige week woensdag door de Tweede Kamer aangevraagde doorberekeningen van het regeerakkoord van budgetinstituut Nibud. Nu de zorgpremieplannen worden aangepast, zijn deze koopkrachtcijfers echter alweer achterhaald.

Wel tekende het instituut aan dat de inkomensafhankelijke zorgpremie vooral van invloed was op de portemonnee voor de hogere inkomens. "Voor midden en lage inkomens zijn de koopkrachteffecten minder groot dan eerder in andere berekeningen werd gesuggereerd", aldus het Nibud.

Lees meer over:
Tip de redactie