Minister Ploumen blogt: Landbouw en luchtvaart

Minister Lilianne Ploumen voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking blogt op NUzakelijk dagelijks over de handelsmissie naar Brazilie. 

De tweede dag begon met een seminar over de toekomst van ons voedsel. Het werd georganiseerd door de Universiteit van São Paolo in Ribeirão Preto, de landbouwhoofdstad van Brazilië.

In 2050 zijn er negen miljard monden te voeden. Dat lukt alleen als we de landbouw grondig verduurzamen. Of, zoals de bestuursvoorzitter van Wageningen Universiteit Aalt Dijkhuizen het samenvatte: ‘Maximizing taste, minimizing waste'.

Hier is Nederland goed in. Eén hectare Nederlandse landbouwgrond levert acht ton voedsel op, één hectare in Brazilië drie ton. Maar wij kunnen ook leren van de Brazilianen. Van Ricardo Arioli uit Matto Grasso, bijvoorbeeld. Hij laat nu twee gewassen per jaar groeien en wil naar vier.

Dat kan in landen met het klimaat van Brazilië, maar alleen met de technologie van EMBRAPA, het agrarisch onderzoeksinstituut in Brazilië. EMBRAPA ontwikkelt zaden die aan de weersomstandigheden zijn aangepast, en een snellere en hogere opbrengst opleveren.

Gouden driehoeken

Als heel Brazilië en alle landen met hetzelfde klimaat het op deze manier zouden aanpakken, kunnen we in 2050 al die negen miljard monden voeden. De oplossing zit in wat Prinses Máxima bij de afsluiting 'gouden driehoeken' noemde: samenwerkingsverbanden van overheden, bedrijven en universiteiten.

Brazilië draagt ook op een andere manier bij. Het voormalige ontwikkelingsland heeft zelf met succes een strijd tegen honger geleverd en deelt de opgedane kennis met de wereld. Vorig jaar heeft de Braziliaanse overheid samen met het Wereldvoedselprogramma van de Verenigde Naties het Centre of Excellence Against Hunger opgericht om landen in Afrika, Azië en Latijns-Amerika te helpen in de strijd tegen honger en ondervoeding. Een prachtig voorbeeld van 'zuid-zuid samenwerking'.

Embraer

Na het seminar nemen we het vliegtuig. Op naar vliegtuigbouwer Embraer, de op twee na grootste ter wereld. De hele KLM-vloot van Fokker 100's wordt de komende jaren vervangen door toestellen van Embraer; Nederland is een goede klant van de Brazilianen.

We kregen een rondleiding door de hal waar aan vijf vliegtuigen tegelijk werd gesleuteld. Zonder vleugels rijden ze de hangar in en tien dagen later rijden ze er weer uit voor hun eerste testvlucht. Een toestel bouwen kost twee en een halve maand.

Nederlandse bedrijven spelen een nadrukkelijke rol in de hoogwaardige technologie van Embraer. Zelf zette ik als getuige een handtekening onder een overeenkomst tussen de vliegtuigbouwer en DNW, een Nederlands bedrijf dat windtunnels exploiteert.

Embraer en DNW gaan kennis uitwisselen om testen in windtunnels nog beter te maken. Als Nederlandse windtunnels daardoor beter worden dan ze al zijn, blijft Embraer natuurlijk terugkomen bij DNW.

Buitje

De terugreis verliep minder vlot. Door een enorme tropische regenbui in São Paolo was het vliegveld tijdelijk gesloten en mochten we niet opstijgen. Een grote bijeenkomst van alle bedrijfsdelegaties begon hierdoor iets later, maar het enthousiasme was er niet minder om.

Voor de honderden ondernemers was het echt een mooi moment toen de Prins en de Prinses een rondgang maakten door de zaal. Koninklijke Hoogheden openen niet alleen deuren voor bedrijven, zo'n ronde als deze is ook een hoogtepunt voor deelnemers aan een handelsmissie.

Nu weer op weg naar het eerste programmadeel van vandaag. Prinses Máxima opent een productieafdeling van Paques, een Nederlandse specialist in het bouwen van zuiveringssystemen voor water en gas.

De komende week lees je op NUzakelijk meer over het vervolg van de handelsmissie

Tip de redactie