Eindejaarstips voor de ondernemer

Van welke huidige gunstige regelingen kan de zelfstandige ondernemer nog profiteren, en welke beslissingen moeten juist worden uitgesteld om te profiteren van gunstigere regelingen in het volgende jaar?

Investeringsaftrek
Wanneer de ondernemer nog geen 2.200 euro aan investeringen heeft gedaan in bedrijfsmiddelen, is het van belang om te kijken naar de mogelijkheid of een aantal investeringen voor volgend jaar nu alvast kunnen worden gedaan. De ondernemer komt dan in aanmerking voor de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek.

Denk daarbij ook aan de aanschaf van een auto. Een ondernemer kan voor een in 2010 aangeschafte zéér zuinige auto of nulemissieauto kleinschaligheidsinvesteringsaftrek van de winst aftrekken.

De ondernemer komt in aanmerking voor de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek als hij in een jaar voor meer dan 2.200 euro in bedrijfsmiddelen investeert. De aftrek bedraagt een percentage van het totale investeringsbedrag in een jaar. Is de investering niet meer dan 54.000 euro dan is de aftrek 28 procent.

Investeert hij in totaal méér dan 54.000 euro maar niet meer dan 100.000 euro dan is de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek 15.120 euro.

Bij een investeringsbedrag boven de 100.000 euro daalt de aftrek met 7,56 procent van het investeringsbedrag boven 100.000 euro. Het maximumbedrag van de investeringen is op 300.000 euro gesteld.

VOF: Bij firmanten in een vennootschap onder firma en bij andere samenwerkingsverbanden geldt het gezamenlijke investeringsbedrag als uitgangspunt voor de investeringsaftrek.
Het is dus belangrijk per kalenderjaar goed het investeringsniveau te bekijken en zorgvuldig te plannen in welk jaar er wordt geïnvesteerd.

Bij veel kleine investeringen in verschillende jaren kan ieder jaar steeds de drempel van 2.200 euro niet gehaald worden. Al die investeringen in één jaar laten vallen, kan dan wel tot investeringsaftrek leiden.

Voorziet de ondernemer een paar forse investeringen in één jaar, dan kan het lonend zijn die over meerdere jaren te spreiden. Om de investeringsaftrek te mogen toepassen moet dit expliciet worden verzocht in de aangifte inkomstenbelasting of vennootschapsbelasting.

Willekeurige afschrijving
De tijdelijke regeling voor versnelde (willekeurige) afschrijving op investeringen in bedrijfsmiddelen wordt opnieuw met een jaar verlengd. Dit betekent dat ook kapitaalsgoederen, zoals machines en meubilair, die gedaan worden in 2011 in twee jaar kunnen worden afgeschreven. In het investeringsjaar mag maximaal 50 procent worden afgeschreven en het restant in één of meer volgende jaren.

Beloon de meewerkende partner
Ondernemers kunnen hun meewerkende partner een reële arbeidsbeloning betalen. De beloning is aftrekbaar in de onderneming mits deze hoger is dan 5.000 euro. De heffing bij de partner is vaak lager dan bij de ondernemer. De beloning is bij de partner belast tegen het laagste tarief (zolang de beloning onder de 18.218 euro blijft en hij/zij geen andere inkomen heeft).

Wanneer de partner zonder vergoeding meewerkt in de onderneming, dan kan de ondernemer gebruik maken van de meewerkaftrek. De ondernemer kan de meewerkaftrek toepassen als zijn partner in het kalenderjaar minimaal 525 uren heeft meegewerkt in zijn onderneming en hiervoor geen vergoeding heeft ontvangen.

De meewerkaftrek bedraagt minimaal 1,25 procent en maximaal 4 procent van de winst.

Let op: Niet alle gewerkte uren van de partner tellen mee, zoals uren besteedt aan kleinere werkzaamheden op huishoudelijk vlak. De ondernemer moet hierbij denken aan bijvoorbeeld het schoonhouden van de in de woning bevindende spreek- of wachtkamer en het doen van de praktijkwas.

Uren besteedt aan administratieve werkzaamheden of het schoonhouden van een van de woning afgescheiden praktijkruimte tellen echter wel mee.

MKB-winstvrijstelling nu ook voor deeltijdondernemers
Met ingang van 1 januari 2010 is de MKB-winstvrijstelling verhoogd naar 12 procent en hoeft een ondernemer voor deze vrijstelling niet meer te voldoen aan het urencriterium. Voorheen moest de ondernemer hiervoor minimaal 1225 uur per jaar aan zijn bedrijf besteden.

Deze verruiming betekent dat deeltijdondernemers (bijvoorbeeld met een baan naast hun onderneming) eveneens de MKB-winstvrijstelling kunnen krijgen.

Daar staat tegenover dat de ondernemer per die datum niet langer winst kan verrekenen met andere inkomensbestanddelen, zoals bijvoorbeeld zijn loon uit dienstbetrekking. Starters mogen wel gedurende 3 jaar verrekenen met ander inkomen.

Urenadministratie
Zzp’ers en eenmanszaken moeten rekening houden met de voorwaarden die worden gesteld aan bijvoorbeeld de zelfstandigenaftrek. In 2010 moeten zelfstandige ondernemers en deeltijdondernemers minimaal 1225 uren draaien en minsten 50 procent van hun tijd in de onderneming steken om de zelfstandigenaftrek te mogen opvoeren.

Starters hoeven niet te voldoen aan de 50 procent-eis maar wel aan de ureneis. Zorg dus dat de urenadministratie in orde is!

Verklaring arbeidsrelatie (VAR) nog geldig?
Een VAR is maximaal 1 kalenderjaar geldig, van 1 januari tot en met 31 december. Als een zelfstandige ondernemer in de loop van het jaar start met zijn activiteiten, is de verklaring geldig vanaf de startdatum tot en met het einde van het kalenderjaar. Als de geldigheidstermijn verloopt, kan de ondernemer een nieuwe VAR aanvragen.

Als een opdracht is overeengekomen vóór 1 november en begint op of doorloopt na 1 januari van het volgende jaar, dan blijft de VAR tot het eind van deze opdracht geldig, maar nooit langer dan tot 31 december van het nieuwe jaar. Deze langere geldigheidsduur geldt alleen voor de opdracht die vóór 1 november is overeengekomen en niet voor andere opdrachten.

De langere geldigheidsduur geldt ook niet als de ondernemer de opdracht vóór 1 november is overeengekomen maar op het moment van overeenkomen al de VAR voor het nieuwe kalenderjaar had ontvangen. In dat geval geldt vanaf 1 januari van het nieuwe jaar voor die opdracht de VAR voor dat jaar.

Bron: Zelfstandig ondernemen zonder personeel

Tip de redactie