ABN Amro en Icesave laten fouten stelsel zien

DEN HAAG - De overname van ABN Amro-bank en de problemen rond het IJslandse Icesave zijn illustratief voor de beperkte ruimte die beleidsmakers en toezichthouders in Nederland de afgelopen jaren zich zelf gaven om risico's te beperken.

Dat blijkt uit het rapport Verloren krediet van de parlementaire commissie-De Wit. De ondergang van Icesave, waardoor vele Nederlandse spaarders gedupeerd zijn, illustreert volgens de commissie ''op schokkende wijze'' de problemen in het toezicht op het financïële stelsel.

De commissie die onderzoek heeft gedaan naar de oorzaken van de financiële crisis, stelt dat in Europa het toezicht te veel per land is geregeld. Ook is de controle te veel gericht geweest op individuele financiële instellingen en te weinig naar het macrobeeld gekeken.

Risico's

Volgens De Wit was De Nederlandsche Bank (DNB) al in een vroeg stadium, begin 2008, goed op de hoogte van de risico's van het IJslandse financiële systeem. Voor DNB was het juridisch niet mogelijk om Nederlandse spaarders te waarschuwen, omdat dat zeer schadelijk voor de IJslandse financiële sector kon zijn.

Wel had de centrale bank nadere eisen kunnen en moeten stellen aan de introductie van Icesave in ons land. Volgens de commissie is dit niet gebeurd, omdat DNB haar bevoegdheden om in te grijpen ''te krap heeft geïnterpreteerd''.

ABN Amro

Bij de overname van ABN Amro heeft toenmalig minister Wouter Bos van Financiën de ruimte om eigenstandig een afweging te maken ''weloverwogen kleiner gemaakt dan mogelijk was''.

Volgens De Wit stuurde de minister aan op het afgeven van een verklaring van geen bezwaar. Bos legde de verantwoordelijkheid voor afgifte van deze verklaring ook in grote mate bij DNB, omdat in zijn ogen een negatief besluit zeer onwaarschijnlijk zou zijn.

Zorgen

De DNB heeft van begin af aan zorgen geuit over de overname van ABN Amro. Maar ook de centrale bank heeft de beleidsmatige ruimte om nee te kunnen zeggen tegen de overname, zelf kleiner gemaakt door de eigen opstelling en uitvoering van haar taak.

Aan het afgeven van de verklaring van geen bezwaar heeft de DNB voorwaarden gesteld. Zodra daaraan werd voldaan, kon geen nee meer worden gezegd.

Volgens De Wit blijkt na de ABN Amro-zaak ook dat de verdeling van taken tussen de minister en DNB tot vragen leidt over verantwoordelijkheden.

Zie ook: dossier onderzoek kredietcrisis

Tip de redactie