Wall Street krijgt oppepper

NEW YORK - De beurzen op Wall Street kregen woensdag een flinke oppepper dankzij tekenen van herstel in China, de op twee na grootste economie in de wereld. Het optimisme volgde op vijf dagen van scherpe verliezen, waardoor de indices de laagste niveaus in ruim twaalf jaar bereikten.

De Dow-Jonesindex van dertig toonaangevende fondsen sloot 2,2 procent (149,82 punten) hoger op 6875,84 punten. De breed samengestelde S&P 500-index eindigde op 712,87 punten, een winst van 2,4 procent (16,54 punten). Technologiegraadmeter Nasdaq won 2,5 procent (32,73 punten) op 1353,74 punten.

Het optimisme op Wall Street volgde op flinke koersstijgingen op de Europese en Aziatische beurzen eerder op de dag. Goed nieuws uit China was hiervan de belangrijkste oorzaak.

Een belangrijke graadmeter voor de industriële activiteit in China vertoonde sterk herstel. Het was de derde maand op rij dat de Chinese industriële activiteit toenam. Bovendien zou de Chinese regering meer geld willen uittrekken om de economie te stimuleren.

,,Alles wat duidt op herstel waardoor toekomstige inkomsten van bedrijven zullen stijgen, geeft een positieve impuls aan de prijs van aandelen'', zei een Amerikaanse handelaar, die tegelijkertijd aangaf dat de komende weken en maanden nog volatiel kunnen zijn.

Grondstofgerelateerde fondsen profiteerden van het positieve nieuws uit China. Beleggers hopen op een grotere vraag naar grondstoffen en machines. De hogere olieprijs, 8,4 procent hoger op 45,16 dollar per vat, zette ook olieconcerns in de plus.

Olieconcern ExxonMobil noteerde 2,1 procent hoger en aluminiumproducent Alcoa sloot op een winst van 12,8 procent. Machinebouwer Caterpillar, die veel naar China exporteert, stond bijna 13,3 procent in de plus.

Het industriële conglomeraat General Electric had een minder goede dag. Beleggers maken zich zorgen om de financiële tak van het concern. Het aandeel daalde met 4,6 procent.

Een cijfer van het Amerikaanse Institute for Supply Management (ISM) wees woensdag op een verdere krimp van de Amerikaanse dienstensector. Het getal was desondanks beter dan de gemiddelde verwachting van analisten.

De euro kostte op de valutamarkt 1,2640 dollar, tegenover 1,2600 dollar bij het slot van de Europese beurzen woensdag.

Tip de redactie