Openbare verlichting kan veel zuiniger

AMSTERDAM - Gemeenten kunnen het energieverbruik van de openbare verlichting fors verminderen. Door oude lampen te vervangen, lampen korter te laten branden en de verlichting waar mogelijk te dimmen, kunnen ze gemiddeld 18 procent energie besparen.

Dat blijkt uit onderzoek van Senter Novem, het agentschap voor duurzame ontwikkeling van het ministerie van Economische Zaken, dat aangeleverde informatie van 211 gemeenten analyseerde.

Met behoud van de bestaande lichtkwaliteit, armaturen en lantaarnpalen is een besparing te realiseren variërend van negen tot 25 procent. Gemiddeld levert dat gemeenten een CO2-reductie op van 14.000 ton, wat overeenkomt met het stroomverbruik van zevenduizend huishoudens.

Gedateerd
Bij gemeenten gaat het grootste deel van het energieverbruik naar de openbare verlichting (tussen de vijftig en zeventig procent). Bij circa dertig procent gaat het om gedateerde, inefficiënte systemen.

Hoeveel geld de energiebesparing gemeenten oplevert is nog niet bekend. Senter Novem onderzoekt dat nog, zegt woordvoerster Femke Breukels. "Duidelijk is dat op die manier veel geld is te verdienen in heel Nederland. Tussen de provincies zit nauwelijks verschil."

Milieuwinst
In de provincie Zuid-Holland heeft gedeputeerde Erik van Heijningen gemeenten meteen opgeroepen om met aan de slag gaan. "Het onderzoek is een mooie aanleiding om op korte termijn zelf fors te besparen op het verbruik van de openbare verlichting. Bijna eenvijfde minder elektriciteit levert per direct milieuwinst op en voordeel in de exploitatiekosten."

Minister Jacqueline Cramer van VROM wil dat gemeenten en provincies de komende jaren besparingen doorvoeren bij de openbare verlichting: vijftien procent in 2011, twintig procent in 2013 en dertig procent in 2030.

Tip de redactie