'Ontwikkelingslanden herstellen snel van crisis'

WASHINGTON - De financiële crisis en de afzwakkende economische groei in de geïndustrialiseerde wereld tasten de groei in ontwikkelingslanden sterk aan. Maar herstel volgt daar mogelijk sneller dan in ontwikkelde landen.

Dat meldde de Wereldbank dinsdag in zijn rapport Global Economic Prospects, waarin de bank jaarlijks de economische vooruitzichten voor ontwikkelingslanden op een rijtje zet.

Ontwikkelingslanden maken volgend jaar een van de zwaarste economische teruggangen sinds de Tweede Wereldoorlog door, zegt econoom Hans Timmer, een van de auteurs van het rapport van de Wereldbank. De groei zwakt in 2009 in de ontwikkelingslanden af tot 4,5 procent in doorsnee. Dit jaar komt het groeipercentage nog uit op 6,3. In ontwikkelde landen komt de groei dit jaar uit op 1,3 procent.

Krediet
Het verdampen van krediet is een van de belangrijkste oorzaken van de sterke groeivertraging. Banken die in hun ontwikkelde thuislanden zelf in de problemen zijn gekomen door de financiële crisis, trekken hun geld uit ontwikkelingslanden terug.

Investeringen lopen hard terug en lokale aandelenmarkten storten in. Ook het volume van de wereldhandel krimpt voor het eerst sinds 1982. "Zelfs in China is de industriële productie gestopt met groeien", aldus Timmer.

Herstel
Volgens de Wereldbank zijn er voldoende tekenen dat in 2010 al een herstel inzet. Het rapport prijst de stevige steunmaatregelen die de rijke landen inmiddels hebben genomen om de economie te stimuleren. Hoewel er volgens de Wereldbank een grote mate van onzekerheid bestaat over de reactie van de markten op de maatregelen, profiteren ook ontwikkelingslanden van deze stappen.

Het herstel kan in ontwikkelingslanden zelfs eerder inzetten dan in de rijke landen, zegt Timmer. "De problemen zijn ontstaan in de rijke landen. Ontwikkelingslanden ondervinden alleen indirect effect van de financiële crisis. Het groeipotentieel is er nog steeds."

Olie
Belangrijk element in het herstel is de inmiddels sterk gedaalde prijs van voedsel en olie. De problemen die in veel ontwikkelingslanden begin dit jaar ontstonden door de sterk oplopende prijzen, zijn daardoor geluwd.

Ondanks het toenemende gebruik van gewassen voor de productie van biobrandstof, zijn er "de komende twintig jaar voldoende voedsel, voldoende metalen en voldoende olie", aldus Timmer. Een tijdelijke sterke opleving in de prijzen sluit hij niet uit, maar "de prijzen blijven niet altijd hoog".

Biobrandstof
Timmer ziet een verband ontstaan tussen landbouwprijzen en olieprijzen als gevolg van de productie van biobrandstof. Voor arme landen die zelf geen olie exporteren kan dit periodiek problemen opleveren. Overheden moeten daarvoor efficiënte mechanismen ontwikkelen om de armste delen van de bevolking te beschermen.

Maar de angst voor een opnieuw sterk oplopende olieprijs is ongegrond. De prijs voor een vat olie blijft de komende jaren schommelen rond een gemiddelde van 75 dollar per vat, aldus de Wereldbank. Dat is bijna de helft van de recordprijs van circa 147 dollar per vat die afgelopen zomer werd behaald.

Tip de redactie