Opeth ingetogen in 013
TILBURG - Ze zijn beide opgeschoten in de Zweedse metalscene, maar hebben zich in de loop der jaren door hun muzikale avontuurlijkheid een breder publiek toegeëigend. Opeth en Pain Of Salvation speelden dinsdag in een uitverkochte 013.
Het is de enige Nederlandse show voor Pain Of Salvation deze tour en charismatisch frontman Daniel Gildenlöw heeft er duidelijk veel zin in. Enthousiast gesticulerend en het publiek opzwepend loodst hij de band met zijn gepassioneerde stem en voorkomen door de set.
Opvallend genoeg neemt het voormalige piepjonge snarenwonder daarbij nauwelijks solo’s voor zijn rekening, doch laat deze veelal over aan medegitarist Johan Hallgren. Die kwijt zich overigens (net als de rest van de groep) heel verdienstelijk van zijn taak, waardoor Gildenlöw alle ruimte heeft de flamboyante rockster uit te hangen.
Van terugkijken houden deze Zweden niet, dus dat het concert voornamelijk gewijd is aan de recente, relatief kalme Road Salt-albums wekt geen verbazing. Wel dat in totaal niet veel meer dan een handvol nummers de revue passeert, doordat men slechts een dik half uur speeltijd heeft gekregen; veel te weinig voor deze band.
Plechtig
Opeth zit bepaald niet met dergelijke tijdsproblemen, zo blijkt wel nadat de groep sterk is gestart met The Devil’s Orchard van het verse Heritage-album. Bandbrein Mikael Åkerfeldt neemt zoals gewoonlijk alle tijd om het publiek rustig toe te spreken op zijn kenmerkende, plechtig droogkomische wijze.
‘Rustig’ is sowieso een kernwoord in deze performance, die geheel gebouwd is rond oude en natuurlijk vooral nieuwe nummers waarin de donkere sfeer centraal staat en werkelijk geen grunt meer is te bekennen. Zelfs een uitgebreide drumsolo in Porcelain Heart kan het ingetogen karakter van deze bijeenkomst niet verdoezelen.
Tussenspel
De zanger/gitarist gooit daar bovendien nog een schepje bovenop met een kort semiakoestisch tussenspel, dat naast oude bekenden Credence en Closure ook de tamelijk obscure gamecompositie The Throat Of Winter omvat.
Tijdens dit gedeelte van de set kun je zonder overdrijving een speld horen vallen in de grote zaal van 013 – om over het gekwebbel van je buren nog maar te zwijgen. Zo kan het gebeuren dat bij een concert van wat ooit een deathmetalband was plots vermaningen om stilte opklinken.
Erfenis
Het slot van het optreden is nochtans iets harder, met het aan Ronnie James Dio opgedragen rockstuk Slither en epische afsluiter Hex Omega. Toegift Folklore keert echter weer veelvuldig terug naar Opeths kalmere muzikale erfenis, met name die van de symfonische jaren zeventig.
Een lichtelijk gereserveerd luisterconcert kortom, dat door de nagenoeg feilloze uitvoering door de betrokken muzikanten en het uitstekende geluid in de zaal echter prima uit de verf komt. De liefhebber kan tevreden zijn.
Startpagina