'Met webwinkel alleen bouw je geen relatie op'

"Bij ons ging het andersom. We zijn niet als een traditionele retailer begonnen", vertelt Michaël Oei van het kledingmerk Michael & Giso.

Veel ondernemers in de kledingbranche openen naast hun stenen winkel ook een webwinkel. Zo hopen ze het niet te verliezen van hun online concurrenten. Maar deze jonge ondernemer deed het nét even anders.

"We zijn een online winkel gestart in 2008, gingen op locatie langs en hebben pas een jaar later een fysieke winkel geopend", vertelt de mede-oprichter en eigenaar van het kledingmerk voor mannen.

Zijn bedrijf maakt shirts op maat. Mensen kunnen na een persoonlijk kledingadvies in de webwinkel hun eigen stof, knoopjes en manchetten uitkiezen.

Vindbaar

Oei en mede-eigenaar Rolf-Giso Heijkoop werken met een netwerk van acht stylisten die thuis maten opnemen en kledingadvies geven. Elke stylist heeft een eigen regionale pagina. "We willen lokaal online vindbaar zijn. Zij kennen de markt en kunnen persoonlijk contact met klanten onderhouden."

Oei zegt dat de regionale pagina’s en hun eigen blog ervoor zorgen dat meer mensen het bedrijf op internet tegenkomen. "Je kunt een hele mooie webpagina hebben, maar als je bij Google op pagina vier staat, dan kan niemand je vinden."

Volgens Oei doen ondernemers er goed aan om meer samen te werken met andere online partijen die dezelfde doelgroep hebben. "Begin een gezamenlijke e-mailcampagne met coupons. Zo kun je elkaar online bestuiven."

Zo ging hij bijvoorbeeld samenwerken met een sportschool. Zijn klanten kregen vouchers voor sporturen. En leden van de sportschool konden weer met een coupon bij hem terecht.

Eerste kennismaking

Het lijkt alsof het merk helemaal geen fysieke winkel nodig heeft, maar daar is Oei het niet mee eens. "Je moet je niet blind staren op online. Het is een eerste kennismaking, maar met een webwinkel alleen bouw je geen relatie op met klanten. Er is meer voor nodig om dat voor elkaar te krijgen. Je moet ze zien en spreken."

Hij ziet zijn winkel in Breda als een ontmoetingsplek waar hij vertrouwen kan winnen voor de online verkoop.

Dat collega’s met kledingwinkels het moeilijk hebben, blijkt wel uit de recente faillissementen van Piet Kerkhof, Henk ten Hoor en Schoenenreus.

Volgens de jongste cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek draaiden kledingwinkels in mei 4,6 procent minder omzet dan een jaar eerder. In de hele detailhandel was de krimp van 0,6 procent een stuk beperkter.

Wachten

"Toen het economisch nog goed ging, kon je de deur open zetten, wachten tot er klanten kwamen en ’s avonds de omzet tellen. Maar die tijd is voorbij."

Hij denkt dat ketens te weinig luisteren naar hun klanten en vindt dat sommige ondernemers te makkelijk de crisis de schuld geven. De fysieke winkel moet volgens hem echt een meerwaarde hebben om de klant naar de stad te lokken.

In zijn winkel in Breda hangen alle stoffen. Oei zegt dat klanten de stoffen graag willen aanraken en van dichtbij willen bekijken. "Het gaat om meer dan het product alleen en dat is moeilijk voor veel retailers. Ik denk dat de klant meer verwacht en daar moeten wij ons aan aanpassen."

Zo vindt hij het onlogisch dat winkels altijd dicht zijn als potentiële klanten vrij zijn. Ondernemers kunnen de koopzondag als een extra dag zien, maar ze kunnen er ook voor kiezen om dan de maandag dicht te blijven.

Groeien

Ondanks het belang van de fysieke winkel, heeft Oei geen plannen om meer filialen te openen. In plaats daarvan breidt het bedrijf zijn netwerk van stylisten uit. Voor het einde van dit jaar zouden er 25 moeten zijn.

Oei zit nog vol met andere groeiplannen. "We kunnen bijvoorbeeld gaan samenwerken met een Duitse stylist. Wie kan een Duitse zakenman nou beter kleden dan een Duitse stylist?" En in september wil hij een webredactie opzetten die de blog, sociale media en de webwinkel gaat onderhouden.

"Wat onze bottleneck is? Dat je niet meer met al je klanten een relatie kan opbouwen en onderhouden. Dat is essentieel. Zowel offline als online."

Tip de redactie