Consumentenwaakhonden pakken gevaarlijke producten vaker aan

Bij het Europese waarschuwingssysteem voor gevaarlijke producten zijn vorig jaar 2.044 meldingen binnengekomen. Dat is iets minder dan in 2015, maar er werd veel vaker iets mee gedaan. Dat blijkt donderdag uit een rapport van de Europese Commissie.

Consumentenwaakhonden van de 31 aangesloten landen legden 3.824 maatregelen op. Een land kan per melding meerdere maatregelen treffen, zoals het terugroepen van een product en het opleggen van een verkoop- of importverbod.

De meeste waarschuwingen kwamen van de consumentenautoriteiten in Duitsland, Spanje en Frankrijk. Nederland deed 65 keer een melding, wat leidde tot 277 maatregelen.

Speelgoed

In ruim een kwart van het totaalaantal meldingen ging het om gevaarlijk speelgoed, gevolgd door motorvoertuigen, kleding, modeaccessoires en elektrische producten. In een kwart van de gevallen werd gewaarschuwd voor een risico op verwondingen. Bij 23 procent was sprake van een chemisch risico, bij 14 procent stikgevaar en bij 11 procent kans op een elektrische schok.

Ruim driekwart van de meldingen ging over gevaarlijke producten van buiten de EU. China was goed voor ruim de helft, waar dat in 2015 nog 62 procent was. De Europese Commissie probeert China maatregelen bij de fabrikant te laten nemen.

Producten worden steeds vaker online gekocht. Over gevaarlijke spullen op internet werd 244 keer aan de bel getrokken. EU-commissaris Vera Jourova (Consumentenzaken) heeft daarom afspraken gemaakt met internetmarktplaatsen als eBay, Amazon en Alibaba om producten na een melding snel offline te halen.

Als voorbeeld dat het systeem goed werkt, wordt de kwestie van de Samsung Galaxy 7-telefoon genoemd. Daarvan kon de batterij ontploffen. Na een Britse melding werd de verkoop in tal van landen gestaakt.

Lees meer over:
Tip de redactie