500 jaar oude likeur 'terug van weggeweest'

AMSTERDAM - De geschiedenis van de Bénédictine likeur gaat van een bittere formule, ontworpen door Franse monniken, tot een digestieve voor de fijnproevers. De drank heeft al heel wat jaren achter de rug en is nu herontdekt als een component in cocktails.

Vooral in New York City wint de drank in rap tempo aan populariteit, aldus de New York Times dinsdag.

De likeur bestaat uit een mengsel van 27 kruiden en specerijen die een monnik, genaamd Dom Bernardo Vincelli, gedistilleerd heeft in 1510, in een benedictijnenklooster in het Franse Fecamp. 

Klooster

Dom Vincelli's drankje, zoals het toen heette, was een hit tot de Franse Revolutie het klooster verwoestte. Het recept ging verloren, tot een kunstverzamelaar en wijnhandelaar genaamd Alexander Le Grand het opnieuw ontdekte met een schat aan oude boeken die hij kocht in 1863.

Na een experiment met het recept begon Le Grand met het verkopen van de likeur onder de naam Bénédictine. Het was een kleine speler in de Verenigde Staten tot 1930, toen een ander drankje op de markt kwam, genaamd B&B en ontwikkeld in Club 21.

Deze '21' cocktail was een mix van Bénédictine en brandewijn. De reactie van de familie Le Grand hierop was precies hetzelfde doen. Vanaf dat moment werd B & B ook vanuit 'eigen huis' aangeboden, een lucratieve keuze.  

Complex ingrediënt

Bartender Dyer vertelt: "Ik wilde een complex ingrediënt zoals Bénédictine gebruiken om een eenvoudig drankje ervan te maken, geen bittere smaken, rare eiwitten of andere gekheid."

De moraal van het verhaal, volgens de heer Dyer: "We hebben niet altijd de behoefte om nieuwe dingen te gebruiken om iets te bereiken. Of de nieuwste, mooiste en duurste producten die zijn niet altijd beter."

Tip de redactie