Lustrum studentenmuziekgezelschap uitgeluid met kanonschoten

Met een oorverdovend gebulder werd dit weekeinde op het Hooglandsekerkplein het lustrumjaar van Studentenmuziekgezelschap ‘Sempre Crescendo’ afgesloten.

Als onderdeel van Tsjaikovski’s Ouverture 1812, die in de kerk werd gespeeld, vuurden de leden van de Korps Rijdende Artillerie ‘De Gele Rijders’ twee kanonnen af. Tot verrassing van de toeschouwers in de kerk en velen in de omgeving.

Het concert waarin onder andere stukken van Poulenc, Brahms, Beethoven en Pärt Uusberg ten gehore werden gebracht, vormde het slotstuk van de viering van het 185-jarige bestaan van de open subvereniging van Minerva. Na afloop van het concert werd de scheidend koordirigent Tristan Knelange benoemd tot erelid voor zijn grote jarenlange verdienste. Onder zijn leiding groeide het grootkoor van vijftien naar 65 zangers.

Het gezelschap, waar muziek maken en gezelligheid altijd in evenwicht met elkaar staan, maakte zijn naam waar. Het werd alsmaar harder. Fluisterden de zangeressen van het madrigaal welhaast aan het begin van het concert; de Egmont Ouverture van Beethoven en Das Schiksalslied van Brahms overweldigden het publiek. Het goed bewaarde geheim van de toegift met kanonnen was voor velen de opmaat naar het Sempregala dat ‘s avonds op Sociëteit Minerva werd gehouden.

Orkestdirigent Guido marchena was na afloop zeer tevreden en sprak van een nieuw hoogtepunt voor Sempre Crescendo dat met 163 leden nooit eerder zo groot was. SMG Sempre Crescendo werd op 8 december 1831 opgericht. Verschillende beroemde componisten en musici speelden samen het gezelschap: componist Frans Liszt, violisten Theo Olof en Yehudi Menuhin. De laatste tijdens het 150-jarig bestaan in 1981.

Tip de redactie