Francine sprak marktkoopman Ilias El Marsse

In de rubriek Hakketak duikt Francine Verbiest in het leven van een bekende Leidenaar. Dit keer ging ze de markt op en bezocht koopman Ilias El Marsse.

"Ja, mensen", hoor ik al minstens vijftig meter voordat ik zijn kraam op onze woensdagse warenmarkt nader. Eenmaal dichterbij ga ik nog niet pal vooraan staan. Ook al weet Ilias El Marsse van 'Ilias delicatessen' dat ik even langs zou komen om hem te spreken. Het is net theater om die kraam even in ogenschouw te nemen.

Wat me opvalt is dat Ilias een glimlach op elk gezicht voor zijn kraam weet te kletsen. Ongelooflijk wat een doorlopende performance deze man geeft.

Terwijl hij met één hand een met waren gevulde tas over de toonbank aan een klant aanreikt die heeft afgerekend en hem of haar nog een hart onder de riem steekt voor de komende week, richt hij zijn ogen alweer op de volgende die hij begroet alsof het familie is.

Soepie?

Ha, hij heeft me ontdekt. Ook al stond ik in zijn uiterste gezichtsveld. Ilias ontgaat niets en hij is gul. Als ik de kou speciaal voor hem trotseer, waardeert hij dat. Direct nadat ik zijn rechterhand loslaat, drukt hij met zijn linker een heerlijke warme kom soep in de mijne, vergezeld van een stralende glimlach.

Ik begin vanzelf te lepelen. "Maken we zelf, goed hé? Wij maken alles zelf, ik ben nog maar net de trotse mede-eigenaar van een productiebedrijf van 500 vierkante meter waar we nu bijna alles zelf maken."

Ik verslik me bijna. Vijfhonderd meter, waar en waarom? "In de Merenwijk om daar vanuit mijn 19 markten per week zelf te kunnen bevoorraden." Ik vergeet door te eten. "Negentien? Zeg jij nou negentien?" Ja dus. "Vrij snel hebben we een kraam in Valkenburg erbij. Dat zal de 19e worden".

'Kramer'

Tussen 1971 en 1990 stond ik samen met mijn man Hans Verbiest op de Leidse zaterdagse warenmarkt met planten en heesters. Ik weet als geen ander hoe hard en moeizaam het leven van een 'kramer' kan zijn.

Weer en wind, je moet er zijn, je moet op tijd zijn, je waren moeten deugen, het aan- en afrijden van de markt. Het gaat allemaal in volgordes en dat negentien keer per week? Hoe doe je dat, hoe hou je het vol?

"Door te geven", zegt Ilias. "Geven is het nieuwe ontvangen, zo simpel is het. Jij vindt die soep toch lekker?" Ik begrijp hem en lepel zwijgend door terwijl hij snel een van zijn voortdurend bellende twee mobieltjes opneemt. Ook dat nog ja. En logisch ook, als je zoveel mensen aan moet sturen heb je weinig rust.

De klanten aan de kraam worden allemaal erg verwend, een schepje noten erbij in plaats van exact afwegen. Een kruidenplantje cadeau van de 'pak-maar-hoor’ tafel. Men heeft er lol in, men komt ervoor.

Geboren en getogen Marokkaanse Leidenaar

Geboren Leidenaar van Marokkaanse ouders, had geen fluit zin in school en werd ‘drop-out’ met maar één wens, een eigen bedrijf. Hij spreekt met respect over zijn ouders, vooral zijn moeder die hem niet veroordeelde, maar een hengel gaf met de woorden: "Word nooit jaloers op anderen, je weet niet wat zij moeten doen voor wat je van hen ziet, hier hengel je eigen leven maar bij elkaar."

Ilias wilde en lootte samen met zijn broer Soufian in op de woensdagse Leidse warenmarkt en zo verschenen de eerste emmers olijven aan de Nieuwe Rijn. Inmiddels zijn Soufian en Ilias eigenaren van bijna een imperium met al die markten in onder andere Hillegom, Oegstgeest, Noordwijk, Zoetermeer, Lelystad, Delft, Leiderdorp, Leiden en binnenkort Valkenburg.

De delicatessenkramen die allang vervangen zijn door supermoderne verkoopwagens zijn meerdere malen per week in dezelfde steden te vinden vandaar dat de optelling niet op 19 uitkomt. In Leiden staat Ilias Delicatessen bijvoorbeeld elke dag op een andere locatie.

Het leuke van Leiden

"Het is vooral de sfeer en de Leidenaren zelf die ik zo enorm leuk vind," lacht Ilias me toe terwijl hij gelijktijdig een passant een handje geeft en vraagt: "Gaat het goed met je?" Een bevestigend hoofdknikje volgt en er verschijnt een glimlach onder.

Ik kijk naar Ilias, hij heeft het begrip 'geven' goed begrepen. Dit is waar het om gaat. Aandacht, ook voor hen die niet kopen, ook voor hen die niet kúnnen komen kopen. Ilias bezoekt met regelmaat spontaan ziekenhuizen met zijn inmiddels befaamde gratis Ilias-tas en regelt van tijd tot tijd sponsoractiviteiten voor medemensen als ze ziek zijn of bijvoorbeeld passend vervoer nodig hebben.

Klagen past niet bij Ilias en al helemaal niet bij de moderne kleurige kraam waar zelfs op televisieschermen zijn uitheemse waren worden geshowd en de laatste nieuwtjes worden gedeeld. Maar Ilias lucht graag even zijn hart over de Leidse ambtenarij.

Vergunningen

"Het lijkt wel of vergunningen niet altijd door handhavers van markt- en havendienst gelezen worden." Hij bezit er een om op de Vijfmeilaan tot zes uur te mogen blijven staan. Maar met regelmaat is er rond kwart over vijf als hij nog volop zijn noten, zuidvruchten, tapenades, brood en natuurlijk olijven staat te verkopen iemand van Handhaving aan zijn verkoopwagen die vraagt of het geen tijd wordt om in te pakken.

Op markten wordt door de gemeenten geregeld dat de kramen verlicht zijn. Dat gaat niet altijd goed. Het inschakelen van een handhaver helpt dan niet veel omdat men geen mogelijkheden ziet het snel te regelen: niemand bereikbaar en verantwoording verleggen bij problemen komen regelmatig voor zich en Ilias vindt dat naar de marktkooplieden absoluut niet kunnen.

Ten onder

Met de vraag waar hij naartoe zou gaan als Leiden plots verdwenen was, breng ik hem in lichte paniek. "Waarom vraag je zoiets? Dan ben ik ontheemd, ik zou gék worden!"

Toch wens ik een antwoord, ik denk Marokko misschien? Of Spanje, wellicht Italië omdat je die landen vanwege het inkopen van je waren bij boeren en op beurzen kent? "Ik kan en wil niet uit Leiden hoor. Als die ramp gebeurd dan ga ik gewoon samen met Leiden ten onder!" Het is nog steeds druk aan de kraam, een dame die dit hoort zegt zachtjes tegen mij: "En Leiden zonder Ilias, dat kunnen we ons toch ook niet indenken?"

Ilias staat nog even door te denken over mijn vraag en komt terug op de plussen en de minnen van het Leidse. "De Burcht hé, die vind ik toch wel machtig mooi, dat oude en mijn herinneringen" Hij grijnst. "Vertel joh, kom op!" En dan: "Nou, laat ik het voorzichtig zo zeggen. Op een avond zat ik daar wat lang heel stilletjes en toen bleek het hek al op slot, dat werd de aanleiding voor een héél romantische zomernacht! Daar zou ik er wel meer van lusten."

Wat vindt Ilias van vrouwen op hakken?

Zodra ik hem deze vraag stel, zakt hij door zijn knieën gaat lopen als een kreupele en slaakt zuchtjes… "Ahhh, auuu, is het nog ver?" Samen met mij proesten nog meer klanten het uit van de lach als we dat zien. Als hij aan het eind van zijn kraam is draait hij zich om, loopt terug terwijl hij op zijn rug wijst en zegt: "Prachtig maar bijna geen een vrouw houdt het er een nacht stappen op vol dus als we gaan dan neem ik Nike’s voor je mee en anders draag ik je wel, dan mag je op m’n rug."

Dit typeert deze marktkoopman. Het is een mens die van negatieve zaken positieve zaken weet te maken, overal lol in ziet, veel geeft om en aan anderen en een brede rug heeft. Dat laatste is ook zakelijk wel nodig.

Negentien marktdagen per week, samen met zijn broer is per saldo veel verantwoordelijkheid per persoon. Gooi daar nog de energie voor de inkoop-, productie-, en aansturing van alle medewerkers en website bestellingen bovenop en je hebt een bak werk waar de meeste Nederlanders het lachen juist door zou vergaan.

Ilias en zijn broer bikkelen verder. Oók op koude, regenachtige herfstdagen waarop niet alle marktbezoekers komen en de omzetten achterblijven. Zij bekijken de inkomsten niet per dag maar achteraf per week of maand en blijven daardoor gemotiveerd naar de markt gaan.

Een nieuw product uitproberen, iets verkopen aan iemand die alleen maar even kwam kijken, dat zijn de winstjes, dat is de gein. En ja, natuurlijk zijn er ook conflicten tussen beide broers maar nooit ernstig. Daarvoor houden ze teveel van de markt, het leven en elkaar.

Tip de redactie