Inzet virtuele Sweetie leidt in Nederland niet tot veroordelingen

De inzet door de Nederlandse politie van het virtuele 'lokmeisje' Sweetie voor de opsporing van webcamsekstoerisme is problematisch. Dit komt door de kaders van de Nederlandse strafwet.

De kans dat het gebruik van Sweetie in Nederland tot een succesvolle veroordeling leidt, is veel kleiner dan in landen als de Verenigde Staten, Canada, het Verenigd Koninkrijk en Australië.

In de genoemde landen biedt de wet meer ruimte. Dit concluderen onderzoekers van de Universiteit Leiden en de Universiteit Tilburg op basis van een grootschalig rechtsvergelijkend onderzoek in 19 landen. Terre des Hommes Nederland gaf opdracht van het onderzoek.

Chris de Waard ging langs bij Bart Schermer en sprak met hem over het onderzoek naar de juridische implicaties rond de virtuele Sweetie.

Sweetie 2.0 is ontwikkeld door het Nederlandse Terre des Hommes om het groeiende probleem van webcamsekstoerisme aan te pakken. Via chatrooms op internet benaderen pedoseksuelen kinderen uit landen als de Filipijnen om betaalde webcamseks met hen te hebben.

Sweetie is een kunstmatige intelligentie die zich in deze chatrooms voordoet als echt meisje. Wanneer een verdachte seksueel getint contact zoekt met Sweetie, kan Sweetie de conversatie vastleggen en helpen om de verdachte te ontmaskeren. Terre des Hommes overweegt nu om Sweetie 2.0 in eerste instantie buiten Nederland in te zetten.

Daadstrafrecht

Bart Schermer, universitair hoofddocent bij het Centrum voor Digitale Techologie en Recht van de Universiteit Leiden, licht de conclusie toe. "Volgens de Nederlandse strafwet is de inzet van al dan niet virtuele lokpubers vooralsnog niet expliciet toegestaan en is het onduidelijk of webcamseks met een virtueel persoon überhaupt strafbaar is."

Dat laatste heeft te maken met het type rechtssysteem dat Nederland heeft. "Wij hebben een sterk daadgericht strafrecht. Je moet alle elementen die in de delictsomschrijving staan daadwerkelijk voltooien. Omdat in de zedendelicten overal wordt gesproken over ‘een persoon die de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft bereikt’ kan het delict nooit worden voltooid. Sweetie is immers geen echt persoon. Dat geldt ook voor de poging. Je kunt niet iets pogen dat niet strafbaar is."

In andere landen is veel meer ruimte is om verdachten te veroordelen op basis van hun intentie. Het doet er dan niet toe dat Sweetie geen echt persoon is, als de verdachte denkt dat hij met een echt kind van doen heeft, dan is dat al strafbaar.

Kansen bij nieuwe wetgeving

Momenteel bespreekt de Tweede Kamer de nieuwe wet Computercriminaliteit III. Hiermee zou het mogelijk worden om lokpubers in te zetten. Dat zijn personen die zich in chatboxen als puber of minderjarige jongere voordoen maar het niet zijn. Zij laten zich door pedoseksuelen verleiden tot een daadwerkelijke ontmoeting met seksuele bedoelingen. Dat wordt grooming genoemd. De pedoseksueel kan vervolgens worden opgespoord.

Schermer ziet kansen om de inzet van Sweetie mee te nemen in deze nieuwe wet Computercriminaliteit III. "De aankomende wijziging ziet alleen op het specifieke delict ‘grooming’. Als je lokpubers en Sweetie wilt gebruiken om kindermisbruik te bestrijden, dan is het logisch om ook vergelijkbare artikelen uit de zedenwet te wijzigen. Je moet daar wel heel voorzichtig mee zijn. Iemand kan een heel andere intentie hebben dan hetgeen een handhaver denkt dat de intentie is."

Tip de redactie