College trekt meer geld uit voor Lakenhal

Een extra bedrag van 190.000 euro per jaar. Dat is het antwoord van wethouder Strijk op de mislukte aanbesteding van de renovatie en uitbreiding van De Lakenhal. 

Met zo’n jaarlijks bedrag aan kapitaallasten komen er miljoenen extra beschikbaar voor de verbouwing van het museum. Hoeveel wil Strijk niet zeggen. Daar zouden marktpartijen hun prijzen op af kunnen stemmen, waardoor Leiden nóg duurder uit is. Volgens Strijk kunnen aannemers aan de 190.000 euro niet zien met welk extra investeringsbedrag Leiden rekent, omdat er niet bij wordt vermeld welke afschrijvingstermijnen er worden gehanteerd.


Chris de Waard in gesprek met cultuurwethouder Strijk over het extra geld voor de uitbreiding van De Lakenhal.

Volgens Strijk doen gemeente en museum er alles aan om zo snel mogelijk tot een nieuwe aanbesteding te komen, zodat er in september alsnog gestart kan worden met de enorme klus.

Dan is het wel noodzakelijk dat de aanpassingen en optimalisaties om de bouwkosten zoveel mogelijk binnen budget te brengen niet teveel wijzigen. Anders is er meer tijd nodig en stijgen de kosten door extra uren die de plannenmakers erin moeten steken.

Voorwaarde is ook wel dat de gemeenteraad direct na het zomerreces instemt met het extra budget dat Strijk beschikbaar wil stellen. Doet de raad dat niet, dan lukt het niet meer om de verbouwing op tijd af te ronden voor de geplande heropening in 2018 met aansluitend een expositie van de Jonge Rembrandt in 2019. Dat is weer een ‘Rembrandtjaar’. De schilder is dan 350 jaar dood. Ook de activiteiten rond het Pilgrimjaar in 2020 komen dan in het gedrang.

Een vertraging zou overigens om meerdere redenen desastreuze gevolgen hebben. Daar de aantrekkende markt, stijgen de prijzen per maand met enkele procenten waardoor de kosten blijven oplopen. Ook heeft vertraging nadelige gevolgen voor het nieuwe Filmhuis dat naast de Lakenhal wordt gebouwd en betekent uitstel van werkzaamheden dat de omgeving langer bouwoverlast heeft.

Tip de redactie